dinsdag 27 maart 2007

Oude Cultuur

Vanavond vergaderde de gemeenteraad. Aan het begin van elke vergadering krijgen de verschillende partijen de gelegenheid om korte vragen te stellen over een actueel onderwerp. Van deze mogelijkheid maakte het CDA gebruik om in mijn richting een aantal vragen te stellen over het feit dat Leiden niet voor komt op het lijstje met de 40 wijken van minister Vogelaar. Ik schreef daarover eerder in mijn dagboek.

In mijn beantwoording gaf ik aan dat ik tot op zekere hoogte begrip op kon brengen voor de manier waarop de minister uiteindelijk gekomen is tot haar keuze voor de betreffende 40 wijken. De minister doet dat op grond van opjectieve criteria en kiest ervoor om het beschikbare geld alleen te besteden in de wijken met de grootste problemen. Ze kiest dus niet voor een verdelende rechtvaardigheid, waarbij het beschikbare geld op zo'n manier versnippert dat de grootste probleemwijken daar niets meer aan hebben. Kortom goede aanpak van deze minister, het gaat tenslotte over veel gemeenschapsgeld. E.e.a. betekent overigens niet dat wij helemaal niets meer krijgen. Er blijft ook wel rijksgeld naar Leiden komen voor onze aandachtswijken, maar dat zal iets minder zijn dan bijvoorbeeld de Utrechtse wijk Ondiep.

In reactie op mijn antwoord liet de fractievoorzitter van het CDA, Jan-Jaap de Haan (foto) weten dat hij daar geen boodschap aan had. Als wethouder van Leiden moet ik volgens hem maar 1 ding doen en dat is veel rijksgeld voor de stad binnenhalen, ongeacht of andere steden dat geld harder nodig hebben. Voor hem was het blijkbaar niet van belang dat de problemen in onze stad nu eenmaal een stuk kleiner zijn dan de 40 probleemwijken die wel op het lijstje van de minister voorkomen.

Van een van de leden begreep ik later dat dit een schoolvoorbeeld was van oude bestuurscultuur. In die oude cultuur worden wethouders in Leiden slechts afgerekend op de hoeveelheid rijksgeld die zij voor de stad hebben binnengehaald. Dat staat dus los van het feit of de problemen in een andere gemeente zoveel groter zijn, dat het geld daar veel beter kan worden gebruikt.

Ik blijf leren, tot ziens.

1 opmerking:

  1. Als de "nieuwe cultuur" inhoudt dat je je schouders ophaalt over het mogelijk mislopen van rijksgeld, dan verkies ik inderdaad een "oude cultuur".

    Natuurlijk reken ik je niet af op het niet binnenhalen van geld, als elders de problemen groter zijn.
    Waar ik je wel op afreken is de mate waarin je je inzet om rijksgeld los te krijgen om ook van onze wijken 'prachtwijken' te maken. Eindelijk komt er geld voor stedelijke vernieuwing, en dan zouden wij de boot missen.

    Veel gemeenten hebben aangetoond dat er nogal wat rammelt aan de criteria die Vogelaar heeft gehanteerd. Daarop heeft zei de Kamer toegezegd dat gemeenten het recht hebben om met argumenten hun wijk alsnog onder de aandacht te brengen.

    Vier jaar geleden had Leiden 2 van de 56-wijken. Nu 'ineens' geeneen meer. De wonderbaarlijke wederopstanding van Noord en Zuid-West? Lijkt me niet. Deze wijken blijven dus de moeite waard om voor te knokken. Maar uit je blog (en uit de beantwoording in de raad) klonk slechts berusting en begrip. Gezien de commotie in veel andere steden, vind ik dat erg merkwaardig.

    Het is de verantwoordelijkheid van de minister om het geld eerlijk te verdelen. Het is jóuw verantwoordelijkheid om haar te wijzen op evt. tekortkomingen in die verdeling. In plaats daarvan zwijgt Leiden en dat is jammer.

    BeantwoordenVerwijderen