vrijdag 5 maart 2010

Vonnis

Soms heb je van die weken dat alles tegen zit. Na de beroerde uitslag van de verkiezingen van afgelopen woensdag kreeg ik vandaag het vonnis van de rechtbank in Den Haag in het kort geding dat Henri Lenferink en ik hadden aangespannen tegen het Leidsch Dagblad vanwege een artikel in de krant van 24 december vorig jaar. De uitslag is helder, onze eis tot rectificatie is niet overgenomen. Ik heb begrip voor deze uitspraak; het belang van het recht op vrije meningsuiting weegt voor de rechtert terecht zwaar. Op 11 februari heeft het Leidsch Dagblad – op verzoek van de rechter – in een hoofdredactioneel commentaar aangegeven dat ze verkeerd zaten in hun beschuldiging over het antedateren van een machtigingsbesluit. Ook was in dat stuk te lezen dat ook mij niets te verwijten valt. En daarmee kwam de krant voor een deel tegemoet aan onze eis tot rectificatie van het artikel van 24 december. Maar niet volledig en dat was toen de reden dat we de rechter gevraagd hebben om alsnog te komen tot een uitspraak. Hoewel het Leidsch Dagblad erkende dat zij onwaarheden heeft gepubliceerd, werd in het hoofdredactioneel commentaar de schuld weer bij de gemeente gelegd. In het hoofdredactionele commentaar is het eerdere artikel naar onze mening onvoldoende rechtgezet. Ik vind het jammer dat de rechter dit niet heeft meegenomen in zijn uitspraak. Maar kan niet veel anders dan dit vonnis respecteren.

Vele mensen hebben mij de afgelopen tijd gevraagd waarom we geen genoegen genomen hebben met het hoofdredactioneel commentaar waarin ik immers werd vrijgepleit. Daar wil ik graag op reageren. In de 12 jaar dat ik nu als full-time gemeentebestuurder heb gewerkt stond integriteit altijd hoog in het vaandel. Ik kan met ontzettend irriteren wanneer er ergens in het land weer een collega wethouder een scheve schaats heeft gereden. Dat komt nog veel te vaak voor. Mensen moeten bestuurders op dit punt blind kunnen vertrouwen. De genoemde incidenten stellen dit vertrouwen teveel op de proef.

Ook al hebben mijn tegenstanders wel eens anders beweerd, ik heb in de afgelopen 12 jaar altijd integer gehandeld. Tot dat krantenbericht van 24 december jl. waarin een beschuldiging was opgenomen van fraude, namelijk het bewust onbevoegd sluiten van een overeenkomst. Deze beschuldiging was in mijn ogen zo ernstig dat ik maar twee dingen kon doen t.w. ontslag nemen of aantonen dat de berichtgeving onjuist was. Dat laatste kon alleen via de onafhankelijke rechter. De rechter gaf me op het punt van integriteit gelijk, maar wenste dit niet om te zetten in een plicht tot rectificatie. Wat mij betreft waren de beschuldigingen er ernstig genoeg voor.

Ik hoop dat het Leidsch Dagblad de Leidse politiek in de toekomst kritisch blijft volgen. Ik hoop ook dat ze daarbij de moeite nemen om allerlei geruchten op waarheid te controleren, zeker wanneer deze afkomstig zijn van politieke tegenstanders. Dat is in dit geval helaas niet gebeurd.

Tot ziens.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen