vrijdag 30 september 2011

Megafusie in de Randstad

Als gevolg van actuele ontwikkelingen moest ik vanmorgen mijn agenda grondig aanpassen. Dat begon nadat De Volkskrant met het bericht kwam dat het kabinet zou besluiten tot een fusie tussen Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. Vanaf dat moment stond bij de provinciale woordvoerders de telefoon niet meer stil. Nationale media toonden opeens veel interesse voor onze mening. Omdat ik binnen het college van GS de portefeuille Bestuurlijke Zaken beheer, kon ik vol aan de bak en dus zat ik om 12 uur in het nieuws op radio 1 en 2, stond ik 's middags in een radiostudio voor een debat over het onderwerp en was ik vrijdagavond te zien in het RTL Nieuws. Tussendoor stond ik Trouw en het Financieel dagblad te woord en maakte Omroep Flevoland opnames voor uitzending na het weekend.

Laat in de middag kwam de minister-president met uitsluitsel over wat er precies besproken was in het kabinet. Het kwam erop neer dat het kabinet indringend over het onderwerp had gesproken en dat men het eens was geworden. Men had echter nog geen besluit genomen. Daarvoor heeft minister Donner nog 1 à 2 weken nodig om een nieuw voorstel te formuleren.

Mooie woorden van de minister-president, maar ze verhullen naar mijn mening wat er echt aan de hand is. Om dat uit te leggen wil ik u vragen mijn weblog van 13 juli jl. nog eens na te lezen. Naar mijn mening zegt de minister president vanmiddag eigenlijk dat minister Donner een voorstel had gemaakt dat voor een meerderheid van het kabinet niet acceptabel was. Daar heeft men een stevige discussie over gehad, waarna de meerderheid heeft besloten dat Donner zijn voorstel moet aanpassen. Donner wil met de komende vacature bij de Raad van State ook niet teveel discussie over dit onderwerp en gaat nu werken aan een nieuw voorstel.

Uit de woorden van de minister-president valt op te maken dat het voorstel voor de megafusie er gaat komen. Voor ons is dat het signaal dat wij ons nu ook voluit gaan mengen in deze discussie. Ons standpunt daarbij is duidelijk. Wij zijn tegen deze megafusie omdat wij daar voor onze inwoners en bedrijven geen voordelen in zien. Dat standpunt mag voor niemand een verassing zijn. In het coalitieakkoord dat de fracties van VVD, PvdA, CDA en ChristenUnie eerder dit jaar hebben vastgesteld draagt niet voor niets de naam 'Zelfstandig en Uniek'. In dit akkoord krijgt het college van GS de opdracht ervoor te zorgen dat Flevoland erkenning krijgt als een onafhankelijke en zelfstandige provincie met een duidelijk profiel. Dat willen we vooral bereiken door een actieve samenwerking met o.a. andere provincies, en dus geen fusie.

Voor mij zijn de afspraken in het coalitieakkoord voldoende om de komende tijd flink aan de slag te gaan om te laten zien dat het plan voor de megaprovincie voor Flevoland een slecht plan is. Dat neemt niet weg dat er ook veel inhoudelijke argumenten tegen deze megafusie zijn te noemen. Ik noem er een paar.

Flevoland is 25 jaar geleden bewust ingericht als een 'provincie nieuwe stijl'. 6 gemeenten, 1 waterschap en 1 provincie. Een gebied met korte bestuurlijke lijnen, die een daadkrachtig bestuur mogelijk maken en bovendien de politiek dicht bij de mensen brengen. Door die opzet is Flevoland gevrijwaard gebleven van veel bestuurlijke drukte en ondoorzichtige 'democratische' hulpconstructies. Kom daar in Noord-Holland maar eens om, een gebied met 2,7 miljoen inwoners, waar men omkomt in bestuurlijke drukte, ondoorzichtige hulpbesturen en slepende projecten en procedures. In Utrecht is het niet veel anders. De nieuwe megaprovincie zou 4 miljoen inwoners krijgen. Dat is tien keer zoveel als Flevoland nu heeft. Bij mij gaat het er niet in dat we daardoor sneller, slagvaardiger, beter en goedkoper kunnen worden. Mijn inschatting is dat we binnen een paar jaar omkomen in dezelfde bestuurlijke drukte als Noord-Holland nu al heeft.

Om de megafusie door te zetten moet het kabinet een procedure starten op grond van de Wet Algemene Regels Herindeling (AHRI). Van de gemeentelijke herindelingen weten we dat het doorlopen van zo'n herindelingsprocedure vaak een buitengewoon tijdverslindende bezigheid is. Zeker wanneer niet alle partijen het eens zijn met het voornemen tot herindeling. Het starten van de procedure heeft echter ook tot gevolg dat allerlei belangrijke bestuurlijke trajecten tot stilstand komen vanwege onduidelijkheid over de toekomst. Dat levert veel schade op voor inwoners en bedrijven. Alle bestuurlijke energie die we in zo'n procedure moeten steken, kunnen we veel beter benutten om de werkelijke problemen op te lossen.

Overigens staan wij in onze afwijzing niet alleen. Een grote meerderheid van de Provinciale Staten van Flevoland denkt er net zo over. Ook in de tweede kamer is voorlopig nog geen meerderheid te vinden voor de plannen van dit kabinet. CDA kamerlid Bas Jan van Bochoven laat dit weekend weten dat het CDA geen voorstander is van onvrijwillige fusies en dat in het regeerakkoord ook helemaal niet staat dat het tot een fusie moet komen. Eerder sprak het PvdA kamerlid Lea Bouwmeester zich voor Omroep Flevoland ook uit tegen de megaprovincie. En voor wat het waard is: een poll op omroep Flevoland laat dit weekend zien dat na 600 reactie 85% tegen deze megafusie is. Dit laat weer eens zien wat we eigenlijk al heel lang wisten: onze inwoners zitten niet te wachten op bestuurlijke opschaling.

Tot ziens.

dinsdag 27 september 2011

Realisatie Oostvaarderswold van start

Het was de langste collegevergadering die ik tot nu toe in Flevoland mocht meemaken en daar was ik dit keer zelf een beetje de aanstichter van. Als portefeuillehouder financiën mocht ik vandaag de voorstellen voor de begroting 2012 aan mijn collega's voorleggen. Ik ben tevreden over de uitkomst van onze discussie. Volgende week zullen wij het resultaat presenteren.

Maar dat was niet het enige. We hebben vandaag ook een belangrijk besluit genomen over de toekomst van het Oostvaarderswold. Dankzij dit besluit kunnen we in 2012 eindelijk starten met de realisatie van deze voor Flevoland zo belangrijke natuurontwikkeling. In deze eerste fase gaan we ruim 350 hectare landbouwgrond omzetten in nieuwe natuur. De aanleg van de nieuwe natuur is nodig als compensatie voor de aanleg van de Hanzelijn, de verbreding van de A6 en uitbreiding van Almere. Op die bouwlocaties gaat beschermde natuur verloren.

De nieuwe natuur wordt ingericht op negen agrarische bedrijven die reeds zijn aangekocht voor de aanleg van het OostvaardersWold. De betreffende boeren konden tot nu toe de grond nog pachten van Staatsbosbeheer, het Flevo-landschap of de provincie Flevoland. Voor 2012 wordt de pacht beëindigd conform de afspraken die daarover zijn gemaakt bij de aankoop van de bedrijven. De pachters zijn daarover inmiddels geïnformeerd.

De realisatie van deze natuurcompensatie past binnen de plannen voor het OostvaardersWold. Later dit jaar, naar verwachting in november, zullen het Wereld natuur Fonds en het Flevo-landschap hun plannen ontvouwen over de realisatie van het OostvaardersWold als geheel.

Toch moet er nu al worden begonnen met het voorbereiden van de inrichting van nieuwe natuur, omdat de provincie met Staatsbosbeheer en de RWS heeft afgesproken dat de natuurcompensatie uiterlijk in 2012 wordt gerealiseerd. Anders wordt niet voldaan aan de wettelijke vereisten voor natuurcompensatie. Wat mij betreft een prachtig voorbeeld hoe belangrijke (economische) ontwikkelingen elders in het gebied door kunnen gaan dankzij de aanleg van nieuwe natuur. Zonder het Oostvaarderswold waren deze ontwikkelingen niet mogelijk geweest.

Tot ziens.

zaterdag 24 september 2011

Katwijk

Voor de vierde keer liep ik vandaag mee in de zwaarste halve marathon van Nederland, De halve van Katwijk. Waren het vorig jaar vooral de slechte weersomstandigheden die deze loop zo zwaar maakten, nu was het gek genoeg het mooie weer dat ervoor zorgde dat deze editie opnieuw het uiterste van me vroeg. Bij de start scheen de zon uitbundig en was het maar liefst 21 graden. Veel te warm om het mooie duinparcours vol heuvels van Katwijk naar Wassenaar moeiteloos te lopen. Een opkomende zee maakte het strand op de terugweg steeds smaller, maar had ook tot gevolg dat ik de laatste 6 kilometer moest volbrengen door louter mul zand.
De zware omstandigheden in aanmerking was ik uiteindelijk heel tevreden met mijn tijd van 2 uur en 4 minuten. Details zijn terug te zien op http://t.co/DoCnDh0W



Tot ziens.




zondag 18 september 2011

Dam tot Dam

Voor mijn tweede loop deze maand stond ik vanmorgen aan de start van de Dam tot Damloop op de Prins Hendrikkade in Amsterdam. Vandaag ging het om een afstand van 10 engelse mijl vanuit het centrum van Amsterdam naar het centrum van Zaandam. Deze keer liep ik mee met een groep lopers van het Waterschap Zuiderzeeland. Met zo'n 40.000 lopers was de Dam tot Damloop helemaal 'uitverkocht'. Overigens heb ik geen moment het idee gehad dat er teveel mensen meededen. De organisatie was perfect.

Ondanks een hele forse onweersbui, waarbij de regen werkelijk met bakken uit de lucht kwam, was ik tevreden met mijn tijd. Ik liep de 16,1 kilometer in 1 uur, 24 minuten en 19 seconden. Wilt u de details zien klik dan hier: http://to.ly/b9Nq

Volgende week zaterdag ben ik te vinden bij de halve marathon van Katwijk, waarmee ik de serie van 3 voorlopig afsluit.

Tot ziens.

vrijdag 16 september 2011

Nieuwe IPO

Gisteren en vandaag zat ik op 'de hei' met het bestuur van het Interprovinciaal Overleg (IPO) om te praten over de toekomst van de provinciale belangenbehartiging. Het is geen geheim dat de samenwerking tussen de verschillende provincies de afgelopen periode nogal onder druk heeft gestaan. De belangrijkste oorzaak is de discussie die we hebben gehad over de verdeling van het provinciefonds. Die discussie heeft de onderlinge tegenstellingen fors verscherpt en dat had zoveel invloed op de onderlinge samenwerking dat er in verschillende provincies een discussie kwam over de vraag of we wel met het IPO door moesten gaan.

Om verbetering in de situatie te brengen hebben we de afgelopen dagen een groot aantal besluiten genomen over veranderingen in de samenwerking en hebben we bovendien nieuwe afspraken gemaakt over de onderwerpen waarop we als provincies willen samenwerken. Daarbij komen we tot een flinke beperking, vanaf nu werken we binnen het IPO aleen samen wanneer er heel nadrukkelijk sprake is van een gemeenschappelijk belang.

Omdat een goede samenwerking ook afhankelijk is van de vraag of de persoonlijke relaties tussen de bestuursleden onderling goed op orde zijn, hebben we ook daar aandacht voor gehad.

Mijn conclusie na twee dagen op de hei is dat het nieuwe bestuur zich bewst is van het belang van een goede samenwerking en dat we ons de komende tijd met hernieuwde energie gaan inzetten om dat inhoud te geven. Daarbij gaan we ons beperken tot die onderwerpen die er echt toe doen. Dat betekent ook dat de IPO-organisatie de komende jaren flink kleiner kan worden. Op die manier draagt het IPO bij aan de bezuinigingsopdracht waar alle provincies mee te maken hebben.

Aan het einde van de bijeenkomst hebben we binnen het bestuur gesproken over de onderlinge taakverdeling. Ik ga me de komende periode weer met de portefeuille Jeugdzorg bezighouden.

Tot ziens.

dinsdag 13 september 2011

Over Flevoland Gesproken

Op zondag 11 september was ik te gast bij Omroep Flevoland in de uitzending van het programma Over Flevoland Gesproken. Daar was ik in gesprek met Jeroen van der Laan over de onderwerpen Oostvaarderswold, Jeugdzorg en de provinciale financien. Kijk zelf maar.

zaterdag 10 september 2011

FishPotatorun

Vandaag werd de 21e FishPotatorun van Urk naar Emmeloord gelopen. Samen met een aantal andere lopers uit het provinciehuis maakte ik deel uit van de groep van ruim 1100 lopers die om 14:00 uur door wethouder Geert Post van Urk uit de haven werden weggeschoten. Precies 1 uur 9 minuten en 56 seconden later passeerde ik de finishlijn aan de voet van de Poldertoren in Emmeloord. De details van mijn loop kunt u hier vinden.

De eerste Fish Potato Run werd gehouden in 1991. De opzet was een samenwerking tussen de Stichting Aardappel Manifestatie Emmeloord en Atletiekvereniging Noordoostpolder. De stichting wilde jaarlijks aandacht vragen voor de aardappel en Emmeloord als aardappelhoofdstad. Door Urk en haar vis erbij te betrekken werd reclame gemaakt voor gezonde voeding (aardappelen en vis). Atletiek Vereniging Noordoostpolder wilde graag een bijzonder evenement en zo ontstond een loop met een start op Urk en de finish in Emmeloord. Door de jaren heen groeide de run van zo’n 200 deelnemers naar meer dan 1000 in het afgelopen jaar. De doelstelling van promotie Emmeloord als aardappelhoofdstad en Urk en haar vis geldt nog steeds.

Tot ziens.

vrijdag 9 september 2011

Grenzen

Het zomerreces is weer helemaal achter de rug. De agenda was de afgelopen week weer massief gevuld met nieuwe afspraken, zodat ik mijn geslaagde vakantiereis door Kroatië, Italië, Frankrijk en Zwitserland weer snel ben vergeten. Wist u overigens dat ik op de grens tussen Slovenië en Kroatië een gloednieuw douanekantoor tegenkwam? Dat was ook de enige plaats tijdens mijn hele vakantie waar ik mijn Nederlandse paspoort moest presenteren en waar ik euro's
moest inwisselen in Kuna's om mee te doen aan het lokale betalingsverkeer. Een merkwaardige gewaarwording in een Europa waar de grenzen gelukkig steeds minder belangrijk worden.

Dat er voor onze eurocommissaris Neelie Kroes nog werk aan de winkel is merkte ik toen bleek dat ik in Kroatië maar liefst €7,50 per MB neer moest leggen voor mobiel gebruik van iPhone en IPad. Met een maandelijks gemiddelde tussen de 500 en 1000 MB begrijpt u dat toen het moment kwam dat ik, geheel tegen mijn gewoonte, offline moest en mijn vakantie echt begon.

Deze week stond verder vooral in het teken van de begroting 2012. Als gloednieuwe gedeputeerde financiën is het voor mij de eerste keer om de bestuurlijke regie te voeren over dit proces. Gezien de politieke gevoeligheid niet echt een klus om mijn weblog nu al helemaal over vol te schrijven, maar wel boeiend om te doen. Van de vele honderden besluiten die wij per jaar nemen is er immers niet één zo omvangrijk als het vaststellen van de begroting. Alle keuzes die daar in opgenomen zijn mag ik voor het college voorbereiden en die verantwoordelijkheid pak ik graag op. Zodra we de begroting in het college hebben besproken hoort u meer waarbij we natuurlijk ook de nieuwe media zullen inzetten.

Vanmiddag nog naar de de studio van Omroep Flevoland voor de opname van het programma Over Flevoland Gesproken. Uitzending aanstaande zondag. Kijken dus. Morgen ga ik naar de Noordoostpolder en Urk voor de jaarlijkse Fish/Potatorun waar ik de 8 mijl van Urk naar Emmeloord ga lopen. Ik gok op 1 uur en 10 minuten. Ik zal op deze plaats verslag doen.

Tenslotte was ik vandaag precies 1 jaar gedeputeerde in Flevoland. Ik heb er nog lang geen genoeg van.

Tot ziens.

vrijdag 5 augustus 2011

Conclusies zomerstage

Met mijn bezoek aan het Bureau Jeugdzorg kwam gisteren een einde aan de serie zomerstages die ik de afgelopen periode heb gelopen bij jeugdzorginstellingen in onze provincie. Het is logisch dat ik nu vragen krijg over de conclusies die ik verbind aan de verschillende bezoeken.

Daarom hierbij een poging:

Ik heb in de praktijk gezien dat de huidige taakverdeling tussen de overheden oorzaak is van een slechte samenwerking. Doordat jeugdzorgtaken zowel bij de gemeente (preventie), als bij de provincie (zwaardere zorg), als bij het Rijk (strafrechtelijk) liggen, ontstaan in de praktijk grote problemen en geven we teveel geld uit. De komende overdracht van jeugdzorgtaken van de provincie aan de gemeenten kan daarbij een goede stap zijn.

Ik heb in de praktijk bevestiging gekregen van het feit dat vaak al bij de geboorte van een kind, op grond van diverse risicofactoren, een redelijk betrouwbare inschatting te maken is of het gezin c.q. het kind in de problemen gaat komen. Dat is de reden waarom gerichte preventie zo belangrijk is. In de praktijk zie je de neiging om pas in actie te komen wanneer de kosten teveel oplopen. Bovendien is de eigen verantwoordelijkheid van ouders zo belangrijk dat we pas durven in te grijpen als het al te laat is.

Ik heb gezien dat het met name kansarme groepen zijn die te maken hebben met zware problemen bij de opvoeding. Dus al of niet gescheiden ouders met een lage opleiding, laag inkomen, slechte huisvesting en/of een slechte woonomgeving. In veel gevallen gaat het om mensen van allochtone afkomst. Bovendien is er in veel gevallen sprake van ouders met een (lichte) verstandelijke handicap. Ouders van kinderen in de jeugdzorg hebben vaak zelf ook een verleden in de jeugdzorg. Een ding is zeker: de kinderen zelf vormen zelden oorzaak van de problemen.

De laatste conclusie vind ik zelf nog het moeilijkste te verteren. Zeker wanneer je ziet dat heel veel maatregelen die het huidige kabinet heeft bedacht, juist voor deze mensen slecht uitpakken. Elke eigen bijdrage die men in Den Haag bedenkt vergroot voor deze groep het risico dat ze helemaal geen beroep meer doen op zorg, waarvan de maatschappelijke kosten uiteindelijk veel hoger zijn. Bovendien gaat het kabinet fors bezuinigen op de jeugdzorg terwijl het aantal kinderen dat hiervan afhankelijk is nog steeds toeneemt. Ik blijf het gênant vinden dat wij in Nederland 500 Animal Cops aan het werk zetten terwijl we de veiligheid van kinderen nog niet eens goed geregeld hebben.

Tenslotte heb ik gezien hoe de medewerkers van onze jeugdzorgaanbieders dag in, dag uit klaar staan en keihard werken om kinderen en ouders te helpen bij allerlei problemen. Dit ondanks het feit dat ze soms geconfronteerd worden met de meest vreselijke crisissituaties. Bovendien moeten deze mensen hun werk doen in een situatie waarin de jeugdzorg met regelmaat in een kwaad daglicht staat als gevolg van een aantal tragische incidenten. Dat neemt niet weg dat ze heel veel goed werk doen voor al die duizenden gezinnen die prima geholpen worden.

Ik heb heel veel respect voor de werkers in de jeugdzorg.

Na mijn vakantie komt mijn gewone bestuurswerk weer op gang. Dan ben ik bijna dagelijks in gesprek met collega-bestuurders, Statenleden, Kamerleden, bewindslieden en/of werkers in de jeugdzorg. Die gesprekken kan ik nu voeren met de nieuwe ervaringen uit de zomerstages in het achterhoofd. Dat helpt mij om bij elke beslissing weer even na te denken waar het echt om gaat. De meest kwetsbare groep inwoners in onze provincie. Kinderen in de knel die moeten kunnen rekenen op de bescherming van de overheid. Ik ben er weer helemaal klaar voor.

Tot ziens.

donderdag 4 augustus 2011

Jeugdbescherming

Uit eigen ervaring weet ik hoe ingewikkeld het opvoeden van kinderen kan zijn. Nu was er bij mij thuis nog sprake van een stabiele situatie, twee ouders, een goede woning en woonomgeving, een prima school en, al zeg ik het zelf, redelijk verstandige ouders. Ik kan me voorstellen dat wanneer niet aan deze voorwaarden is voldaan, de opvoeding van kinderen soms een onmogelijke opgave kan zijn.

Als ouders niet meer in staat zijn hun kind goed en veilig op te laten groeien, of als een kind of jongere problemen heeft, kunnen de ontwikkeling en veiligheid van het kind of de jongere in gevaar komen. In zulke gevallen kan de kinderrechter een kinderbeschermingsmaatregel opleggen. Dit zijn de (voorlopige) ondertoezichtstelling en de (voorlopige) voogdijmaatregel. Jeugdbeschermers van Bureau Jeugdzorg Flevoland voeren deze maatregelen uit. Er is dan sprake van gedwongen hulpverlening. Bij alle kinderbeschermingsmaatregelen geldt dat het belang van het kind of de jongere boven het belang van de ouders gaat.

Vandaag was ik in Almere bij het bureau Jeugdzorg voor mijn laatste zomerstage. Daar was ik aanwezig bij een werkbespreking waar de situatie in een aantal gezinnen besproken werd en waar afspraken werden gemaakt over mogelijke oplossingen. De oplossingen die gezocht worden verschillen echt per gezin. Ik heb hier goed kunnen zien dat de medewerkers echt doen en denken vanuit het belang van de kinderen, ook wanneer ze hierdoor in conflict kunnen komen met de ouders.

Vervolgens ging ik met een gezinsvoogd mee op huisbezoek. We kwamen bij een moeder van vier kleine kinderen. De kinderen waren door de rechter onder toezicht geplaatst omdat de moeder zonder heel veel hulp van buiten niet in staat was goed voor de kinderen te zorgen. Tijdens het huisbezoek kon ik zelf zien hoe belangrijk de rol van de voogd was voor de moeder. Dankzij deze hulp kunnen de kinderen bij moeder blijven wonen. Dat wil niet zeggen dat er geen problemen meer waren. In tegendeel. Het managen van de problemen in het gezin is voor de moeder een fulltime bezigheid die ze eigenlijk nauwelijks aan kan.


Door de invoering van een eigen bijdrage -die het gezin niet kan betalen- is onlangs een deel van de gemeentelijke hulpverlening aan het gezin stop gezet. Hierdoor zijn binnen het gezin extra problemen ontstaan, die de samenleving uiteindelijk meer gaan kosten dan wanneer de eigen bijdrage niet was ingevoerd. Daarnaast vertelde de moeder dat het vervoer van een van de kinderen naar school binnenkort gaat stoppen omdat het gezin 6,8 km van de school woont, terwijl het recht op vervoer alleen bestaat voor kinderen die meer dan 7 km van school wonen. Met nog drie andere kinderen die ze niet alleen thuis kan laten, plaatst dit de moeder voor problemen die ze zelf niet meer kan oplossen. Bovendien worden de toch al kwetsbare kinderen hier nu de dupe van. Ik hoop echt dat dit soort dingen gaan veranderen zodra de gemeenten de regie over de jeugdzorg hebben overgenomen.

Tenslotte nog dit. De financiering van de Jeugdbescherming staat onder druk. Het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft een extra bezuiniging van 5% aangekondigd op het budget voor deze taak terwijl onafhankelijk onderzoek heeft uitgewezen dat het beschikbare geld nu al onvoldoende is. Hierdoor is de werkdruk van de gezinsvoogden enorm hoog. In theorie mag een gezinsvoogd zo'n 15 kinderen begeleiden. In de praktijk zijn dat er nu regelmatig veel meer waardoor er niet altijd voldoende aandacht aan de kinderen kan worden gegeven. Staatssecretaris Teeven is van mening dat minder geld verantwoord is en dat de mensen van het Bureau Jeugdzorg maar wat harder moeten gaan werken. Jammer dat Fred Teeven niet mee was met mijn zomerstage, dan had hij met eigen ogen kunnen zien wat de praktijk werkelijk is.

Tot ziens.

woensdag 3 augustus 2011

JJI

Het was misschien wel de zomerstage die tot nu toe de meeste indruk op me heeft gemaakt. Ik was vandaag voor een wat bijzonder bezoek bij de justitiele jeugdinrichting (JJI) van onze jeugdzorgaanbieder LSG Rentray in Lelystad. Eerder schreef ik op mijn weblog over de jeugdgevangenis, maar die term zal ik na vandaag niet meer gebruiken. Binnen de JJI ligt de nadruk veel meer op behandelen dan opsluiten. De JJI zou je ook wel het sluitstuk van de Nederlandse Jeugdzorg kunnen noemen. Jongeren waarvoor lichtere vormen van zorg onvoldoende waren en mede daardoor uiteindelijk op het criminele pad komen worden door de rechter doorverwezen naar het JJI. Het gaat om jongeren die (zeer) ernstige delicten hebben gepleegd vaak in combinatie met psychiatrische problemen. Het regime binnen de instelling is buitengewoon strikt. Het boekje met huisregels telt maar liefst 46 pagina's, overal hangen camera's en elke deur is voorzien van zwaar sluitwerk en electronische beveiliging. Er is nog nooit iemand voortijdig vertrokken.

Binnen deze muren van deze instelling heeft de provincie geen rol. De financiering van de JJI is een zaak van het rijk, het ministerie van Veiligheid en Justitie om precies te zijn. Dat ik deze instelling toch had uitgekozen voor mijn zomerstage heeft alles te maken met het feit dat het een belangrijk onderdeel is van de totale jeugdzorg.

Jongeren in de leefgroep van JJI Lelystad hebben te maken met het jeugdstrafrecht omdat zij een strafbaar feit hebben gepleegd. Tijdens het verblijf worden jongeren behandeld en zij gaan naar school. Aan de hand van een behandel-plan wordt gewerkt aan gedragsverandering en terugkeer in de samenleving. School en/of arbeidstoeleiding zijn belangrijk. Tijdens het verblijf in de JJI werken jongeren op verschillende momenten aan de afgesproken werkdoelen. Bijvoorbeeld in de groep, tijdens lessen, tijdens een arbeidstoeleidingstraject of tijdens andere activiteiten. Sommige jongeren krijgen ook individuele therapie of groepstherapie. Bijvoorbeeld om oplossingen te zoeken voor hun problemen of om te leren omgaan met agressie of boosheid. De werkdoelen zijn altijd gericht op het verminderen van de problemen die ertoe hebben geleid dat een jongere bij Rentray is geplaatst, en op het leren van nieuwe vaardigheden.

De jongeren die ik vanmiddag heb ontmoet hebben het aan zichzelf te danken dat ze hier terecht gekomen zijn. Dat neemt niet weg dat er bijna bij iedereen een verklaring te vinden is waarom het zo vreselijk fout is gegaan. Die verklaring ligt vaak buiten de invloed van de jongeren zelf. De talrijke hulpverleners die ze eerder tegen zijn gekomen hebben daar blijkbaar niets tegen kunnen doen. Bij de jongeren met wie ik sprak was sprake van een lichte verstandelijke handicap (een IQ lager dan 70) in combinatie met een zedendelict. Deze jongeren weer terugbrengen op het goede spoor en hen een perspectief geven voor de toekomst is wat mij betreft een vorm van beschaving. Heel veel respect voor de werkers die dit met heel veel geduld en inspanning proberen te bereiken.

Jammer dat het maatschappelijk oordeel over deze jonge mensen tegenwoordig vaak zo hard is. Die mensen zouden hier eens een middag mee moeten lopen.

Morgen ga ik alweer mijn laatste zomerstage lopen. Dan bij het Bureau Jeugdzorg in Almere.

Tot ziens.