Posts tonen met het label college. Alle posts tonen
Posts tonen met het label college. Alle posts tonen

dinsdag 17 juni 2014

Open State


Bijna alles wat we als provincie doen is openbaar. Een zeer beperkt deel van onze informatie is echt geheim en wat mij betreft hoort dat ook zo. Veel mensen denken bij die openbaarheid vooral aan documenten. Wanneer iemand bijvoorbeeld een beroep doet op de Wet Openbaarheid van Bestuur, dan vraagt men eigenlijk altijd om inzage in documenten.
 
Naast documenten heeft de overheid ook veel databestanden met interessante informatie. En net als onze documenten zijn ook die gegevens over het algemeen openbaar. Toch zie ik in de praktijk zelden aanvragen om inzage in dergelijke informatie. Volgens mij is dat niet terecht. Ook deze data is een rijke bron van informatie voor mensen die meer inzicht willen hebben in het functioneren van de overheid. 

Hoewel veel data wel beschikbaar is (kijk maar eens op de site data.overheid.nl) is het doorpluizen van grote hoeveelheden ruwe data niet echt aanlokkelijk. Het wordt pas interessant wanneer je allerlei analyses kunt loslaten op die data, wanneer je data kunt vertalen naar informatie.

Het college van Gedeputeerde Staten ging vandaag akkoord met mijn voorstel om een provinciaal databestand met gedetailleerde begrotingsinformatie in het vervolg beschikbaar te stellen aan de organisatie achter www.openspending.nl. Deze organisatie stelt zich als doel om financiële informatie van overheden te ontsluiten en daardoor beter inzichtelijk te maken. Op die manier ontstaan er nieuwe mogelijkheden onze gegevens te analyseren en onderling te vergelijken met bijvoorbeeld andere provincies. Dat kan als het goed is weer bijdragen aan een beter functionerende provincie. Ik ben benieuwd. 

Tot ziens.

donderdag 24 januari 2013

Oldeberkoop

Als dagelijks bestuur van de provincie komt het college van Gedeputeerde Staten wekelijks bij elkaar om besluiten te nemen. Meestal zijn dit vergaderingen waar we in een redelijk tempo en op een zakelijke toon ons werk doen. In een prima sfeer overigens.

Zo nu en dan nemen we meer tijd, om wat dieper in te gaan op onderwerpen en thema´s waarvoor in de normale vergaderroutine te weinig tijd en ruimte is. Onderwerpen die zich lenen voor een uitgebreide bespreking en een meer strategische reflectie op de toekomst van de provincie.

Gisteren en vandaag waren we hiervoor met het college in een pittoresk hotelletje (foto) in het Friese dorp Oldeberkoop. De agenda draaide om de centrale vraag: wat wil de provincie op de middenlange termijn, zeg maar tot 2020, bereiken voor de inwoners en bedrijven in Flevoland. Hoe kijken we aan tegen ons takenpakket en welke focus brengen we aan? Waar liggen onze ambities? En zijn deze ambities haalbaar? We weten dat er in de toekomst minder geld beschikbaar is, moeten er keuzes worden gemaakt?

Tijdens deze dagen hebben we de basis gelegd voor een toekomstperspectief van Flevoland. Dit perspectief werken we verder uit en leggen we vervolgens voor de zomer voor aan Provinciale Staten. Als wij ons werk goed doen laten we zien dat Flevoland een financieel gezonde toekomst tegemoet gaat. Dat we als provincie een duidelijke opvatting hebben over onze rol en toegevoegde waarde. Dat we onze inwoners en bedrijven veel te bieden hebben. En dat een zelfstandig Flevoland daarmee verreweg het beste scenario is.

Tot ziens.

dinsdag 27 november 2012

Anne

Vanmiddag nam mijn oud collega Anne Bliek tijdens een druk bezochte, bijzondere statenvergadering afscheid van de Provincie Flevoland. Anne heeft er voor gekozen om niet meer terug te keren in het nieuwe college. Ik begrijp waarom ze tot haar besluit gekomen is, maar dat neemt niet weg dat ik het erg jammer vind dat het zo moest lopen.

Nog voordat ik twee jaar geleden in Flevoland geïnstalleerd werd heb ik haar al ontmoet. Ze kwam bij me langs in mijn toenmalige woonplaats Leiden. We hebben samen een kop koffie gedronken op een terras op het Stadhuisplein. Ze kwam niet om over het werk of politiek te praten, ze kwam gewoon even langs omdat ze benieuwd was wie ik was. Anne was iemand die oprecht een warme interesse had voor de mensen om haar heen. Een kwaliteit die je in de politiek niet zo heel veel tegen komt. Dat neemt niet weg dat ze op de inhoud ook gewoon hard en buitengewoon gedreven kon zijn als dat nodig was. Dat blijkt wel uit de manier waarop ze haar grote dossiers getrokken heeft.

In een stoere afscheidspeech onderstreepte ze het belang van een betrouwbare overheid. Het belang om eenmaal genomen besluiten zonder aarzeling uit te voeren en vooral geen belastinggeld te verkwisten aan projecten die je toch niet afmaakt. Als voorbeelden noemde ze vooral het beleid inzake windenergie, maar natuurlijk ook het Oostvaarderswold.

Ondanks dat haar partij een prima opvolger heeft gevonden in de persoon van Bert Gijsberts, zullen we haar warmte en specifieke geluid nog wel een tijdje missen in het college van GS. Ik in ieder geval wel.

Tot ziens.


zondag 4 november 2012

Over Flevoland Gesproken

Vandaag was ik weer te zien in het programma Over Flevoland Gesproken van Omroep Flevoland. Met Jeroen van der Laan keek ik terug op mijn installatie als gedeputeerde in Flevoland nadat ik eerder mijn ontslag had genomen.

 

vrijdag 2 november 2012

Terug

Het was tegen half drie vannacht toen ik bij het provinciehuis op de fiets naar huis stapte. Een groot rood boeket onder de snelbinders, ik kreeg dat van mijn eigen PvdA fractie na mijn herbenoeming als gedeputeerde. Een herbenoeming die wat mij betreft alles behalve vanzelfsprekend was. De worsteling die hieraan vooraf ging, wil ik hier graag toelichten.

Toen ik op 3 oktober jl. mijn ontslag aanbood, deed ik dat vol overtuiging. Provinciale Staten hadden immers de conclusie getrokken dat het college van Gedeputeerde Staten de Provinciale Staten op belangrijke momenten onvoldoende had geïnformeerd over risico's van de natuurontwikkeling Oostvaarderswold. Ondanks het feit dat dit vooral was gebeurd in de tijd voor mijn aantreden als gedeputeerde, was ik daarvoor toch verantwoordelijk. Zo werkt dat in de politiek.

Na dat ontslag kreeg ik heel veel reacties. Over het algemeen was er respect voor het besluit. Er waren ook behoorlijk wat reacties van mensen die vonden dat ik terug zou moeten komen. Meestal zeiden ze dat vanuit de overtuiging dat tussentijds weggaan ook nadelige gevolgen heeft voor belangrijke onderwerpen. Dat heeft me aan het denken gezet.

Behalve voor de ontwikkeling van het Oostvaarderswold heb ik me de afgelopen periode ook ingezet voor een aantal andere onderwerpen. Zo ben ik op verzoek van de Staten aan het werk gegaan om het financiële beheer beter op orde te brengen en heb ik samen met de gemeenten hard gewerkt aan de overdracht van de Jeugdzorgtaken. Voor beide onderwerpen kreeg ik van de Staten altijd veel steun. Voordat er een opvolger ingewerkt is, zal er veel kostbare tijd verloren kunnen gaan, wat voor de voortgang van beide onderwerpen nadelig zou zijn.

Toen ik ook vanuit mijn eigen partij het verzoek kreeg om door te gaan, ben ik dat serieus gaan overwegen. Doordat ik zelf ontslag had genomen zou mijn terugkeer alleen mogelijk zijn wanneer de leden van Provinciale Staten dat in meerderheid zouden beslissen. Op een of andere manier was dat wel een geruststellend gevoel. Wie anders dan onze volksvertegenwoordiging kan immers beter beoordelen of mijn terugkeer verantwoord was. Om een beetje de meningen te peilen, ben ik in gesprek gegaan met een flink aantal fractievoorzitters, zowel van de coalitie als de oppositie. Die gesprekken gaven me het gevoel dat een flinke meerderheid in beginsel bereid was om mijn terugkeer te ondersteunen. Voor mij was dat voldoende aanleiding om me, met steun van mijn eigen fractie, weer kandidaat te stellen.

Gisteravond was het dus zover. Na een intensief debat met de Staten over de uitkomsten van het onderzoek en de voor- en nadelen van mijn terugkeer, was het na middernacht tijd om te gaan stemmen. Van de 38 aanwezige Statenleden stemden er drie blanco, negen tegen en zesentwintig voor mijn terugkeer. In ieder geval ruim voldoende om weer als gedeputeerde geïnstalleerd te worden.

Tot ziens.

woensdag 10 oktober 2012

Tweede Lely


Het is vandaag alweer een week geleden dat ik samen met mijn drie collega gedeputeerden ontslag indiende. Sinds die tijd gaan we door het leven als demissionaire bestuurders. Dat betekent dat wij ons vooral bezig houden met de 'lopende zaken'. Welke zaken dat precies zijn staat nergens beschreven, maar algemeen uitgangspunt daarbij is dat we geen dingen doen waar we een politiek probleem mee kunnen krijgen. Dus geen beslissingen nemen in gevoelige dossiers, geen nieuw beleid ontwikkelen en geen politiek controversiële uitspraken doen.

Kortom, wij moeten ons een beetje gedeisd houden. Dat is ook van toepassing op wat ik schrijf in mijn weblog. Beetje saai dus, maar het is niet anders.

Wat ik wel kan doen is iedereen bedanken voor de reacties die ik kreeg naar aanleiding van de gebeurtenissen. Die geweldige bos rozen van de PvdA raadsfractie uit Lelystad, maar ook die meer dan honderd positieve berichten via twitter, sms, whatsapp, email en per telefoon. De geweldige steun vanuit mijn eigen statenfractie en last but nog least bedankt ik mijn collega's in het college van Gedeputeerde Staten voor alle collegialiteit die ik van hen mocht ervaren. We zijn het afgelopen jaar een goed team geworden.

Het mooiste inhoudelijke compliment kwam misschien wel uit het dagblad Trouw van afgelopen maandag. Onder de kop 'Flevoland mist een tweede Lely' schreef Wilma van Meteren o.a. het volgende:

'Niemand kan het provinciebestuur verwijten niet als een leeuw gevochten te hebben voor het natuurgebied, tot bij de hoogste rechter. Het past in de trent van zelfbewuste provinciaal bestuurders die botsen met Den Haag om iets te bereiken voor de lokale gemeenschap.'

Minder leuke reacties waren er ook, vooral via de sociale media en bijna altijd anoniem. Mensen die me elke vorm van vernedering toewensen en zich vooral druk maken over mijn wachtgeldregeling. Ze doen maar.

Ondertussen wacht ik keurig het moment af waarop Provinciale Staten een nieuw college gaan installeren. Tot die tijd handel ik de lopende zaken af en zal ik me een beetje inhouden.

Tot ziens.

woensdag 3 oktober 2012

Ontslag

Vanavond vergaderden Provinciale Staten over het rapport van de onderzoekscommissie Procesgang Oostvaarderwold. Tijdens deze vergadering hebben mijn 3 collega gedeputeerden en ikzelf ontslag genomen. Voor dit moment zal ik me op deze plaats beperken tot de verklaring die ik namens het college van Gedeputeerde Staten mocht uitspreken. In een later stadium kom ik nog wel bij u terug.

Tot ziens.

Geachte voorzitter,


Graag maak ik van deze gelegenheid gebruik om namens het college van Gedeputeerde Staten een verklaring af te leggen als reactie op de rapportage van de onderzoekscommissie.
Voorzitter,
Het project OostvaardersWold was in alle opzichten een bijzonder project. Een project dat qua omvang zeker past in een bestuurlijk traditie van grote projecten die onze provincie rijk is. Een traditie die in zekere zin begin vorige eeuw al begon toen Cornelis Lely zijn plannen tot inpoldering van de Zuiderzee ondanks veel maatschappelijke weerstand in de Zuiderzeewet wist te vertalen.

Er zullen na de drooglegging van dit gebied niet veel projecten zijn geweest, die zoveel politiek bestuurlijke aandacht kregen als het project OostvaardersWold. Binnen maar liefst 3 colleges van GS hebben verschillende bestuurders zich met dit dossier beziggehouden. Van de kant van het Rijk waren er zelfs 4 kabinetten van verschillende politieke kleur intensief bij het project betrokken. Lange tijd was het kabinet onze enthousiaste supporter, en lange tijd kreeg dit enthousiasme navolging in Provinciale Staten. Lange tijd was er een flinke meerderheid in Provinciale Staten die het college aanspoorde voortvarend te werken aan de realisatie van de verbindingszone tussen de Oostvaardersplassen en het Horsterwold.

Maar voorzitter, de tijden veranderen. Nadat de gezamenlijke overheden in dit land zich decennialang hebben ingezet op behoud en beheer van natuur, met prachtige projecten zoals de ecologische hoofdstructuur, brak het nieuwe kabinet dat in september 2010 aantrad met deze plannen. De boodschap veranderde: het moet anders en het moet met minder geld. Dat leidde tot een bezuiniging van 70 procent op het nationale natuurbudget. Een bezuiniging die misschien door de meest vermogende provincies in dit land nog te compenseren valt, maar voor Flevoland direct desastreuze gevolgen had. De bezuinigingen in deze omvang waren door niemand voorzien. In de meest extreme varianten hielden wij en onze partners Flevo-Landschap en Staatsbosbeheer slechts rekening met bezuinigingen die de fasering van het project OostvaardersWold noodzakelijk zouden maken.

Door het regeerakkoord en de daaropvolgende vernietiging van het Inpassingsplan OostvaardersWold door de Raad van State, veranderde het project van een unieke kans voor economie en ecologie in Flevoland in een enorm bestuurlijk risico en zware rekening voor de inwoners van Flevoland. De voortvarendheid waarmee wij de uitvoering van dit project op verzoek van het Rijk ooit ter hand namen, keerde zich nu tegen ons. Nadat het project op een zo een ingrijpende manier in een ander perspectief kwam te staan, was het ook in de ogen van het college volstrekt logisch dat provinciale staten in mei dit jaar besloten de procesgang rondom het project aan een onderzoek te onderwerpen.

De uitkomst van dit onderzoek ligt vanavond voor ter bespreking. Het is aan Provinciale Staten om straks een uitspraak te doen over de uiterst zware conclusies die de onderzoekscommissie heeft getrokken. Als college hebben wij ons natuurlijk ook gebogen over de uitkomsten van dit rapport.

Laat ik beginnen om namens het college de onderzoekscommissie te complimenteren met het feit dat zij erin geslaagd zijn deze rapportage conform de planning en binnen het budget te presenteren. Gezien de enorme omvang, complexiteit en geschiedenis van het project is dit een prestatie van formaat. Het is duidelijk dat de commissie daarvoor belangrijke afwegingen heeft moeten maken. Vragen als hoeveel mensen en wie benader je voor een interview, en: hoe bepaal je met zoveel meters archief wat wel en wat niet relevant is? Wanneer ga je informatie nader onderzoeken of verifiëren, en: wanneer heb je voldoende zekerheid om desnoods harde conclusies te kunnen trekken? Kortom, ingewikkelde keuzes die de commissie niet uit de weg is gegaan.

Als college kregen wij het eindrapport van de onderzoekscommissie op het zelfde moment onder ogen als de leden van Provinciale Staten, namelijk 21 september jl. Aangezien de procedure niet voorzag in een bestuurlijk wederhoor vooraf, zoals dat bijvoorbeeld gebruikelijk is bij onderzoeken van de Randstedelijke Rekenkamer, is vandaag het eerste moment dat wij in de gelegenheid worden gesteld om voor Provinciale Staten verantwoording af te leggen.

Wij hebben uiteraard met veel belangstelling kennis genomen van de inhoud van het rapport. Alle collegeleden zijn of waren immers in meer- of mindere mate betrokken bij het dossier. Door deze bestuurlijke en persoonlijke betrokkenheid roept het lezen van dit rapport allerlei herinneringen op over onze eigen rol in het proces. Op grond van al die herinneringen zouden we het werk van de onderzoekscommissie op veel punten kunnen voorzien van interessante aanvullingen. Op een aantal onderdelen zouden wij ook tot wijzigingsvoorstellen komen die misschien een ander licht werpen op de door de onderzoekscommissie voorgestelde conclusies. Als college hebben wij zeer uitgebreid en diepgaand met elkaar gesproken over de manier waarop wij tot een reactie zouden kunnen komen.

Bij uiteindelijke afweging die we maakten, speelden een aantal zaken een rol.

In de eerste plaats, was dat het feit dat de commissie niet anders kon dan de feiten beoordelen met de kennis die we nu over het project hebben. Het college is van mening dat wij hier vanavond niet hadden gestaan als het kabinet niet was gekomen tot die abrupte beleidswijziging met betrekking tot de realisatie van de nationale Ecologische Hoofd Structuur. Met deze wetenschap van nu, is er veel aan te merken op de besluitvorming van Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten in de jaren voorafgaand september 2010.

In de tweede plaats, realiseren wij ons dat de rapportage is opgesteld door een onderzoekscommissie die breed uit Provinciale Staten is samengesteld. De commissie is unaniem tot een aantal conclusies gekomen. Alhoewel de leden van de commissie geen meerderheid vormen binnen Provinciale Staten, mag toch worden verwacht dat Provinciale Staten de rapportage daardoor zeer zwaar zullen wegen bij hun definitieve besluitvorming. Dit plaatst het college in een lastige positie als wij een uitgebreide inhoudelijke reactie zouden willen geven op dit rapport.

In de derde plaats, heeft de commissie ervoor gekozen om, in tegenstelling tot wat er over dit onderwerp in de verordening is opgenomen, het rapport in openbaarheid te presenteren voordat wij gelegenheid hadden om een bestuurlijk weerwoord te geven. Diverse partijen hebben inmiddels naar aanleiding van het rapport conclusies getrokken. Zowel regionale als landelijke pers schreven over dit onderwerp. Ook individuele Statenleden spraken zich uit over de door hen gewenste consequenties, voordat het college een reactie kon geven. Via de sociale media zijn inmiddels al vele conclusies getrokken en onafhankelijke deskundigen hadden in de media het wederhoor door het college niet nodig om een oordeel te komen. Dit alles heeft de beeldvorming over de handelswijze van de provincie in dit dossier zodanig beïnvloed dat naar de mening van ons college er weinig ruimte meer is voor een uitgebreide discussie over de inhoud.
Het college is van mening dat het nu vooral van belang is dat er rust komt op het dossier van de natuurontwikkeling in Flevoland. Onze provincie staat voor forse opgaven die vragen om een daadkrachtig bestuur die de opgaven voor de toekomst met gezag kan aanpakken. Dat bestuur moet daarbij kunnen steunen op een meerderheid in uw Staten om discussies zoals die nu zijn ontstaan achter zich te laten. Het college heeft in de huidige situatie geen positie meer om een open gesprek te voeren met de Staten over dit onderwerp. Dit is de reden dat wij besloten hebben om politieke consequenties te verbinden aan de door de onderzoekscommissie gepresenteerde rapportage.
Daarbij hecht het college eraan om te constateren dat bij de besluitvorming in het dossier OostvaardersWold binnen het college van GS altijd sprake was van collegiale besluitvorming. Het onderzoek heeft niet aangetoond dat er ooit sprake is geweest van individueel handelen van afzonderlijke bestuurders, noch dat afzonderlijke bestuurders ooit vitale informatie over het project buiten het college hebben gehouden.
Dat alles maakt dat het college van mening is dat er sprake is van een gedeelde verantwoordelijkheid. Op grond van dat gegeven deel ik u mee dat de vier gedeputeerden van VVD, PvdA, CDA en ChristenUnie hebben besloten met onmiddellijke ingang hun ontslag te nemen. Indien Provinciale Staten het wenst zijn wij bereid de lopende zaken af te handelen tot het moment waarop uw Staten een nieuw college heeft geïnstalleerd.
Voorzitter,
Ik dank u voor uw aandacht.


donderdag 31 mei 2012

Crisis

Het was ver na middernacht toen ik thuiskwam na een hele lange en ingewikkelde vergaderdag. De vergaderdag begon gisterenochtend relatief rustig met het vaststellen van de Perspectiefnota. Na een uitwisseling van vriendelijke woorden, korte discussies en een stuk of 16 moties stelden Provinciale Staten het financieel perspectief voor de komende 4 jaar vast. Voor mij als portefeuillehouder financiën een mooi moment en het startsein om aan de slag te gaan met de begroting voor 2013.

De discussie zat vooral aan het einde van de vergaderdag toen er een besluit genomen moest worden over het vervolg van het Oostvaarderswold. Eerder schreef ik hier hoe binnen de coalitie de meningen uiteen liepen over een oplossing voor dit vraagstuk. De Partij van de Arbeid hield vast aan het uitwerken van een scenario van het bestaande plan, terwijl de andere partijen via een open planproces wilden komen tot een heel nieuw plan voor natuurontwikkeling in Flevoland. Na heel veel discussie hadden de partijen elkaar gevonden in een gezamenlijke tekst. Het was een echt politiek compromis, waarbij partijen tot het uiterste zijn gegaan om eruit te komen. Dat maakte het echter ook een breekbaar compromis.

Dat bleek even later toen er tijdens de Statenvergadering een discussie kwam over een bepaalde regel in de compromistekst. De tekst ging in essentie over de vraag of mogelijke financiële meevallers in het proces wel of niet zouden mogen worden gebruikt voor meer natuurontwikkeling. Volgens de PvdA zou dat wel moeten, de VVD vond van niet. De andere coalitiepartners sloten zich bij de VVD aan. Die tegenstelling escaleerde vervolgens. De combinatie van het late tijdstip en de lange vergaderdag zorgde vervolgens voor de rest. Toen er geen oplossing leek te komen, zag mijn partij zich genoodzaakt om haar steun aan de coalitie ter discussie te stellen. Daarmee werd het voortbestaan van het college uiterst onzeker.
Talloze schorsingen, veel emoties en veelvuldig crisisoverleg in achterkamers deden de politieke temperatuur in het provinciehuis tot grote hoogte stijgen. Toen VVD, CDA en ChristenUnie uiteindelijk de bereidheid uitspraken om de tekst aan te passen was de kou uit de lucht en kon er een besluit worden genomen.

Grote opluchting achter de collegetafel. Het college kan weer verder en bovendien kunnen we een vliegende start gaan maken met het open planproces voor nieuwe natuur in Flevoland. Daar gaat u zeker meer van horen.

We zijn door het oog van de politieke naald gekropen. De komende tijd zullen we flink moeten investeren in de persoonlijke relaties. Ik wil iedereen die gisteren zijn nek heeft uitgestoken om eruit te komen, vanaf deze plaats bedanken.

Tot ziens.

zaterdag 25 juni 2011

Draken

Dit weekend werden in Lelystad de Bataviahavendagen gehouden. Als onderdeel van het programma kwamen vandaag 16 teams in actie tijdens een spectaculaire Drakenbootrace. De opbrengst van deze race kwam volledig ten goede van de Stichting tegen Zinloos geweld.

Wat mij betreft is de eer van Flevoland tijdens deze Drakenbootrace gered! Ons team, de kiekendieven, haalde de halve finale!

Het weer zat niet helemaal mee, maar verder was het een prachtige dag. We hadden een sterk team aan de start, met CdK Leen Verbeek aan de trom. Verder in onze boot drie gedeputeerden, een provinciesecretaris, twee Flevo-roeiers en drie sportieve provinciemedewerkers. Onze belangrijkste opponent was het team van gemeente Lelystad. Zij hadden de burgemeester en een aantal wethouders aan boord. We kwamen drie keer tegen ze uit, waarvan we twee manches in ons voordeel beslisten.

De race is georganiseerd door de Ronde Tafel 168 Lelystad. De opbrengst van 6.250 euro kwam ten goede aan de stichting tegen zinloos geweld, het lieveheersbeestje.


Tot ziens.

vrijdag 24 juni 2011

Hei

Politici hebben een bijzonder vak. Tijdens de verkiezingscampagne doen we er alles aan om de onderlinge verschillen zoveel mogelijk te benadrukken waarbij we er soms niet voor terugdeinzen om elkaar heel flink de maat te nemen. Zodra die campagne achter de rug is beseffen we opeens weer dat we juist met elkaar moeten samenwerken om de beloftes aan de kiezers waar te maken. Daarom is het ook niet zo gek dat die samenwerking in het begin een beetje geholpen moet worden. De verstoorde relaties moeten weer gerepareerd worden. De afgelopen week stond in het teken van de teambuilding.

Zat ik eerst twee dagen met het college van GS op de 'hei' in Otterlo, de laatste dagen zat ik met de leden van Provinciale Staten in Hulshorst.

Er lijkt een hele markt te bestaan voor dit soort teambuildingsessies. Er zijn begeleiders in allerlei soorten, maten en prijzen beschikbaar. De programma's die ze afdraaien lijken allemaal op elkaar en of ze echt helpen weet ik eerlijk gezegd niet. Mijn ervaring is dat een andere omgeving en het feit dat je een keer echt de tijd neemt voor een goed gesprek vaak al voldoende is om wat dichter bij elkaar te komen. Dat is de afgelopen week in ieder geval gelukt. Nu hopen dat de kwaliteit van onze besluiten er de komende tijd zoveel beter van wordt dat het de moeite waard was. Ik denk van wel, in ieder geval tot de volgende verkiezingscampagne.

Tot ziens.

woensdag 8 juni 2011

Vuurdoop

Vandaag was mijn vuurdoop als kersverse gedeputeerde voor Financien. Tijdens de opinieronde van provinciale staten mocht ik namens het college de kadernota 2012 verdedigen. In de kadernota beschrijven wij als college de belangrijkste uitgangspunten voor de begroting van volgend jaar. Dat gaat onze eerste begroting worden en die is belangrijke omdat 2012 dus ook het eerst jaar is waarin we de verkiezingsbeloften van de coalitie in concrete plannen kunnen uitwerken. Ook voor Provinciale Staten is de jaarlijkse kadernota een belangrijk instrument om het college bij te sturen op de hoofdlijnen van ons beleid.


Het was vandaag voor mij ook de eerste keer dat ik aan de bak kon voor een stevig debat waarbij ik vooral Kees Kok (foto) van de PVV tegenover me vond. Hoewel hij, wat mij betreft terecht, een aantal keer de vinger op de zere plek wist te leggen, deed hij dat in woorden waar ik me op geen enkele manier in kon vinden. Bovendien wees hij oplossingen waar wij mee kwamen allemaal direct van de hand zonder zelf met alternatieven te komen. Dat is jammer omdat ik het gevoel had dat we er met een beetje goede wil samen uit hadden kunnen komen. Ik denk dat we allemaal nog een beetje moeten wennen aan de nieuwe stijl van debatteren.

29 juni gaat het debat verder. Dan zal moeten blijken of de partijen in de Provinciale Staten meerderheden kunnen vormen om het college een andere koers mee te geven.

Tot ziens.

Location:Lelystad

dinsdag 7 juni 2011

Team

Bij een nieuw team hoort natuurlijk een nieuwe teamfoto's en hier is hij dan. Vanmorgen vroeg gemaakt door onze fotograaf. Van links naar rechts: onze commissaris Leen Verbeek, secretaris Tjeerd van der Wal, Anne Bliek (VVD), Jan-Nico Appelman (CDA/ChristenUnie), Jaap Lodders (VVD) en ikzelf.



Tot ziens.

Location:Lelystad

woensdag 18 mei 2011

Stemverklaring

Precies 11 weken na de verkiezingen van Provinciale Staten werd vanavond het gloednieuwe college van Gedeputeerde Staten geïnstalleerd. Voor ons was dat als het ware de kroon op een lang en ingewikkeldonderhandelingsproces. Geen enkele andere provincie had zoveel tijd nodig als wij. De belangrijkste reden hiervoor lag in een besluit dat het kabinet vlak voor de verkiezingen nam, met betrekking tot de verdeling van het provinciefonds. Dat besluit pakte voor ons zo negatief uit dat we werden gedwongen tot veel extra bezuinigen en dat was niet eenvoudig. Zo moesten we bijvoorbeeld flink snijden in het sociaal beleid van de provincie terwijl juist de PvdA het altijd heel belangrijk vond om aandacht te hebben voor de sociale positie van onze inwoners.

Op zo'n moment bekruipt je het gevoel van een burgemeester in oorlogstijd. Je voelt je gedwongen om maatregelen uit te voeren van een kabinet waarvan je het beleid volstrekt afwijst, een kabinet dat hele andere keuzes maakt dan jij zelf zou doen en een kabinet dat jij dus zelf niet hebt gekozen. En natuurlijk heb je in zo'n geval de mogelijkheid om niet aan het college deel te nemen, maar dan loop je de kans dat de partij die het van je overneemt de meest kwetsbaren nog veel harder gaat treffen. En dus ga je onderhandelen en kom je tot een akkoord dat, met dit alles in het achterhoofd, heel goed te verdedigen is. Ook al blijft het een akkoord waar maatregelen in staan die we uit vrije wil nooit zouden kiezen.

Toch heeft een langdurig onderhandelingsproces ook voordelen. Tijdens zo'n proces werk je intensief samen met je politieke partners. In dit geval VVD, CDA en ChristenUnie. Je gaat elkaar steeds beter begrijpen en waarderen. Daardoor groei je flink naar elkaar toe en dat schept een stevige band. Omdat drie van de vier nieuwe gedeputeerden deel uitmaakte van de onderhandelingsdelegatie werkten we in feite al aan een nieuwe teamspirit voordat het nieuwe college was geïnstalleerd. Daardoor was het vandaag een start met warme motor. Als het aan mij ligt gaan we daarmee de vertraging die we tijdens de onderhandelingen opliepen ruimschoots inhalen.

Nadat ik vanavond met 38 stemmen voor en 1 stem tegen werd toegelaten mocht ik de belofte afleggen en werd ik geïnstalleerd. Omdat dit soort stemmingen geheim zijn zal ik waarschijnlijk nooit weten van wie die stem tegen afkomstig was. Toch wist een van mijn collega's wel van wie zij een tegenstem had gekregen. Ik zal dat uitleggen.

Tijdens de stemmingen gebeurde vanavond namelijk iets vreemds, iets wat ik nog nooit had meegemaakt. Voordat de kandidatuur van mijn VVD collega Anne Bliek in stemming kwam, kwam het statenlid van de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) met een zeer opmerkelijke stemverklaring. Hij deelde de vergadering mee dat hij niet op haar zou stemmen omdat hij van mening was dat vrouwen niet in het dagelijks bestuur horen. Daarmee doorbrak hij niet alleen de geheimhouding, maar toonde hij in mijn ogen ook een volstrekt gebrek aan respect voor de kwaliteiten van mijn collega. Achteraf begreep ik dat het niet de eerste keer was dat deze partij een dergelijke stemverklaring ten gehore bracht. Dat was, zo begreep ik later, de reden voor het feit dat niemand op deze merkwaardige stemverklaring reageerde. Later dacht ik na over wat er zou gebeuren wanneer een partij bijvoorbeeld tegen een kandiaat zou stemmen vanwege het feit dat hij moslim was. De wereld zou te klein zijn, maar ik vraag me af wat eigenlijk het verschil is. Een positief puntje was het feit dat ik later hoorde dat de jongerenorganisatie van de SGP de stemverklaring had afgewezen. Er is nog hoop zal ik maar zeggen.

Hoe het ook zij, met ingang van morgen kan ik aan de slag. Dit keer met uitzicht op een volle bestuursperiode van 4 jaar.

Tot ziens.

Location:Lelystad

maandag 9 mei 2011

Zelfstandig en Uniek

Akkoord.
Op 5 maart schreef ik hier over de onderhandelingen voor een nieuw college van GS. Het was een aankondiging voor een tijdelijk terughoudende manier van communiceren. Vandaag is aan deze periode van stilte een einde gekomen.

De nieuwe Flevolandse coalitie van VVD, PvdA, CDA en ChristenUnie presenteerde vanmiddag haar programma voor de komende vier jaar. Het draagt de titel Zelfstandig en Uniek. Een feestelijke dag dus, hoewel in het programma ook minder feestelijke zaken staan.

De bezuinigingen van het kabinet zijn voor alle provincies fors, maar daarbovenop wordt Flevoland onevenredig zwaar getroffen. Daardoor hebben wij veel minder te besteden dan we eerder dachten.

In het programma voor de komende vier jaar staan forse ingrepen in de sociale taken van de provincie. Deze taken horen volgens het kabinet vooral bij de gemeenten thuis.

Gelukkig hebben we kunnen voorkomen dat het schrappen van taken tot onaanvaardbare maatschappelijke gevolgen gaat leiden. Zo blijft bijvoorbeeld de minimale frequentie van het openbaar vervoer gegarandeerd. En kunnen jongeren en ouders blijven rekenen op de zorg waar ze recht op hebben, zolang de jeugdzorg niet overgedragen is aan de gemeenten. En daar waar sprake is van achterstanden in voorzieningen in Flevoland is de provincie nog steeds bereid, in samenwerking met maatschappelijke partners en binnen de daarvoor beschikbare middelen, een bijdrage te leveren.

En zo ligt er na deze lange en soms ook moeizame periode van onderhandelen een akkoord dat – ook in sociaal opzicht – goed te verdedigen is; een akkoord waar ik tevreden over ben. In financiële zin hebben we de pijn eerlijk kunnen verdelen, we gaan bezuinigen met beleid. Dat houdt in dat ook taken die wél tot onze ‘kerntaken’ horen, zoals wegen en verkeer, economie, in financiële zin bijdragen aan het oplossen van de problemen.

We zijn we er in geslaagd de rekening van de recessie niet eenzijdig bij onze inwoners te leggen.


Portefeuille
Zelf heb ik een portefeuille met veel uitdagingen. Ik loop inmiddels warm om daar een buitengewoon actieve invulling aan te gaan geven.
Mijn nieuwe portefeuille ziet er als volgt uit:

Financiën, Personeel & Organisatie, Facilitaire Zaken, Informatie en Automatisering,
Bestuurlijke zaken, Flevolandse agenda, IPO bestuur, Jeugdzorg/Jeugdbeleid en de Gebiedsontwikkeling OostvaardersWold

Ik ben persoonlijk erg ingenomen met de overeenstemming die we hebben kunnen bereiken over de ontwikkeling van het OostvaardersWold. Ondanks de koerswijziging van het kabinet, is de ambitie van dit voor Flevoland belangrijke project overeind gebleven. Het is voor mij een eer dat ik nu verder mag werken aan dit bijzondere natuurproject met internationale uitstraling. De komende dagen zullen we meer informatie over de gevonden oplossing naar buiten brengen.

Verder mag ik namens het college leiding en sturing geven aan de bezuinigingsoperatie, maar ook aan de cultuurverandering van de provinciale organisatie, die voortvloeit uit dit akkoord. Tenslotte ga ik het overleg met medeoverheden en partners van de provincie coördineren en ga ik samen met hen de Flevolandse agenda opzetten.

Het coalitieakkoord wordt op dinsdag 10 mei voorgelegd aan de leden van de PvdA Flevoland. Dat gebeurt in een extra gewestelijke vergadering. Als dat goed gaat, zullen de Provinciale Staten op 18 mei beslissen over de installatie van het nieuwe college.

Tot ziens.

woensdag 23 maart 2011

Informatie

Precies 3 weken na de verkiezingen voor Provinciale Staten maakte informateur Ed Nijpels (foto) vanavond zijn eindrapport aan de Flevolandse pers en politiek bekend. Na gesprekken met alle nieuwe fracties adviseert hij nu om een coalitie te gaan vormen van VVD, PvdA, CDA en ChristeUnie. Samen hebben deze partijen een meerderheid in de Provinciale Staten. Daarbij is het de bedoeling dat de VVD twee, de PvdA één en de combinatie CDA en ChristenUnie samen ook één gedeputeerden gaan leveren.

Met dit advies is de eerste fase van het formatieproces afgerond. Genoemde partijen gaan de komende periode met elkaar in gesprek om na te gaan of zij samen een plan kunnen maken voor het bestuur van de provincie in de komende vier jaar. Dat zal nog wel enige weken in beslag gaan nemen. Tot die tijd neem ik over dit onderwerp maar weer radiostilte in acht.


Tot ziens.

donderdag 20 januari 2011

Verantwoording

Het was een soort democratisch experiment. Vanavond hielden de Provinciale Staten van Flevoland voor de eerste keer een verantwoordingsdebat. In dezelfde arena waar eerder deze week meer dan honderd Flevolandse jongeren in een Lagerhuisdebat verwikkeld waren, stond nu de volwassen politiek weer tegenover elkaar voor een debat over de resultaten van de afgelopen 4 jaar. Nadat de leden van GS eerst de gelegenheid kregen om verantwoording af te leggen over het gevoerde beleid, kregen daarna de statenleden de gelegenheid om te reageren.

Zoals ik al zei, het was een experiment en niemand wist vooraf eigenlijk wat we ervan moesten verwachten. Zelf heb ik eigenlijk best genoten van het debat. De opsomming van successen door de collegeleden was even indrukwekkend als de moeite die sommige (oppositie)partijen deden om daarna diezelfde successen weer te relativeren. Dat leverde een aantal leuke debatten op achter de vier druk bezochte interruptiemicrofoons. Het algemene beeld over de prestaties van dit college was naar mijn gevoel overwegend positief.

Voor mij was het ook nog eens mijn maidenspeech. Op zich een beetje merkwaardig om tijdens je eerste spreekbeurt in de Statenvergadering direct verantwoording af te moeten leggen over het gevoerde beleid in de 4 jaar die vooraf ging. Ik heb mijn best gedaan wat me overigens na afloop een applaus opleverde, al had ik dat als ik eerlijk ben een beetje uitgelokt. Als u wilt weten hoe, dan kunt u dat lezen in de tekst van mijn maidenspeech die u hier kunt vinden..

Wat mij betreft is het experiment wel geslaagd. De avond was echt de moeite waard. Ik ben benieuwd of de evaluatie door de verschillende fracties hetzelfde resultaat zal opleveren.

Tot ziens.

vrijdag 14 mei 2010

Essay

De afgelopen week schreef Peter Bootsma, sinds kort raadslid van D66, een essay over de recente collegevorming. Hij publiceerde dat op zijn weblog en op de Leidse D66 site. Ik voel me niet geroepen om hier uitgebreid in te gaan op zijn tekst. Zelf was ik immers slechts op afstand betrokken bij dit proces en bovendien heeft Gerda van den Berg, die namens de PvdA aan tafel zat, een uistekende reactie gegeven.

In het stuk noemt Bootsma drie redenen waarom de PvdA niet in het huidige college zit. Het feit dat ik na de verkiezingen ben doorgegaan met de realisatie van de Morspoortgarage is er daar een van. Op dit punt wil ik graag reageren.

Het college van B&W heeft o.a. als taak om democratisch genomen besluiten van de gemeenteraad uit te voeren. Weigering van een college om een besluit uit te voeren is een buitengewoon ernstige zaak. Eigenlijk kan alleen de raad dat zelf doen door een besluit alsnog in te trekken. Dat zal ook D66 met me eens zijn gezien de wens van deze partij om de positie van de raad te versterken.

De realisatie van de Morspoortgarage was zo'n besluit dat ik als wethouder moest uitvoeren. Natuurlijk heb ik me vlak na verkiezingen afgevraagd of doorgaan nog steeds voor de hand lag. Juist vanwege de gevoeligheid heb ik alle besluiten met betrekking tot de Morspoortgarage na 3 maart eerst aan het college voorgelegd. Pas toen het hele college, dus inclusief CDA en VVD, instemde, ben ik verder gegaan. Als de kritiek van D66 op mij al terecht zou zijn, dan is het dus kritiek op het hele toenmalige college.

De gemeenteraad heeft na verkiezingen de mogelijkheid om een ongewenste ontwikkeling te stoppen. Dat kan ze doen door een besluit te nemen om zo'n ontwikkeling controversieel te verklaren. Ik weet dat de Partij voor de Dieren daartoe tijdens de onderhandelingen ook een voorstel heeft gedaan. Het is mij niet helemaal duidelijk waarom dat voorstel de raad nooit heeft gehaald, misschien moet de PvdD dat maar eens uitleggen. Tot die tijd moet ik raden.

Ik denk dat D66 ongelukkig was met het betreffende voorstel. Het zou immers de relatie tussen D66 en VVD/CDA als voorstanders van de Morspoortgarage flink verslechterd hebben. Dat kwam D66 niet goed uit omdat ze alleen met deze partijen een mogelijkheid hadden om de PvdA buiten het college te houden. Blijkbaar was dat voor D66 zo belangrijk dat ze de toekomstige realisatie van de Morspoort daarmee hebben geaccepteerd.

Ik weet wel dat de garage er nog niet staat, maar de uitgekiende tekst van het coalitieakkoord laat maar weinig andere mogelijkheden. Ook de door D66 ingebouwde vertraging van 3 maanden doet daar niets aan af. Die tijd was toch nodig voor de procedures, en bovendien werkt de leverancier ook gewoon door. Daar heeft hij immers een opdracht voor.

Dat de PvdA niet in het college zit vanwege de ontwikkeling van de Morspoortgarage is onzin.
Hiermee doet D66 een poging om te versluieren dat over dit onderwerp tijdens de onderhandelingen een deal gemaakt is met CDA en VVD. Iets waarvoor Peter Bootsma de schuld blijkbaar graag bij de PvdA wil leggen.
Tot ziens.

dinsdag 20 april 2010

5-mei hal

Gekke dag vandaag. Zoals het er nu uit ziet hadden we de voorlaatste collegevergadering in de huidige samenstelling. Dat was aan de omvang van de agenda ook wel te zien. Het aantal agendapunt neemt de afgelopen tijd fors af.

Op de valreep is het college vandaag nog wel akkoord gegaan met een voorstel voor uitbreiding van de 5-mei hal ten behoeve van ZZ-Leiden. Als het goed is kunnen daardoor dit najaar de europese wedstrijden gewoon thuis worden gespeeld voor zo'n 2000 toeschouwers. De kosten voor die uitbreiding delen we met ZZ-Leiden. We betalen beide 250.000 euro. Nu moet de raad nog met het voorstel instemmen, maar uit de geluiden van de diverse fracties ga ik er vanuit dat dit goed komt. Het enige probleem wat we nu nog hebben is de tijd. Het zal een flinke krachtsinspanning worden om de uitbreiding binnen de beschikbare tijd te realiseren. Een mooie klus voor mijn opvolger.

Vanmiddag presenteerden de nieuwe collegepartijen hun programma. Met de bril van wethouder Economische Zaken roepen de nieuwe teksten bij mij nog wel een paar indringende vragen op, maar laat ik niet de eerste zijn om te reageren. Dat komt nog wel een keer.
Omdat mijn aanwezigheid bij de persconferentie niet echt voor de hand lag heb ik de gelegenheid gegrepen om nog wat training te doen voor de Singelloop van aanstaande vrijdag. Mijn startnummer heb ik inmiddels afgehaald. Ik ben wel erg benieuwd hoeveel sportieve leden van de nieuwe raad, of misschien zelfs het nieuwe college, ik vrijdag tegen het lijf ga lopen.

Tot ziens.

zaterdag 17 april 2010

Nieuw college

Vanmorgen las ik in het Leidsch Dagblad het nieuws dat D66, VVD, CDA en SP erin geslaagd zijn overeenstemming te bereiken over de vorming van een nieuw college in Leiden. Als de ledenvergaderingen de komende week geen roet in het eten gooien is het nieuwe college vanaf 28 april een feit. Daarmee gaat dus definitief een einde komen aan mijn taak als wethouder in deze stad. Nog 10 dagen de tijd om mijn bureau leeg te maken, een nette overdracht voor te bereiden, een afscheidsspeech te schrijven en nog een paar weblogjes te maken.

Maar laat ik eerst maar eens mijn welgemeende felicitaties aanbieden aan de onderhandelende partijen. Het feit dat zij er in geslaagd zijn een college samen te stellen waarin de Leidse SP en VVD kunnen samenwerken is werkelijk bijzonder te noemen. Dat geeft hoop voor de andere schijnbaar onoplosbare dossiers in de stad.

Tot ziens.

donderdag 8 april 2010

Rust

Het is een beetje rustig op mijn weblog, ik geef het toe. Dat heeft een reden.

Officieel kent de wet de status van demissionair wethouder niet. Volgens de wet ben je wethouder of je bent het niet. Dat neemt niet weg dat de periode na verkiezingen en voor het aantreden van een nieuw college een periode is waar je als bestuurder voorzichtig moet opereren. Dat is zeker het geval wanneer de zittende wethouders niet meer kunnen rekenen op een meerderheid van de gemeenteraad. Omdat dit momenteel in Leiden het geval is, is het voor mij en mijn collega's een beetje op eieren lopen.

In de praktijk komt het erop neer dat we momenteel niet veel meer doen dan het afhandelen van door de raad genomen besluiten en het behartigen van zaken die echt niet kunnen wachten. Wat we in ieder geval niet doen is nieuwe plannen maken of ingrijpende beslissingen nemen. Zoiets doe je niet uit respect voor de nieuwe machtsverhoudingen in de raad, maar simpelweg ook omdat de gemeenteraad ook in deze periode bestuurders naar huis kunnen sturen voor beslissingen die geen steun van de meerderheid in de raad hebben.

Naarmate de periode tot een nieuw college langer duurt neemt ons werk dus af. Dat is goed te merken aan de lengte van de collegevergaderingen op dinsdag. Deze week waren we bijvoorbeeld binnen het uur klaar. Dat lijkt allemaal lekker ontspannen, maar in werkelijkheid is dit een buitengewoon slechte situatie. Een stad met zoveel vraagstukken die dringend om een daadkrachtige aanpak vragen terwijl jij met de handen gebonden moet toekijken, verkeert wat mij betreft in een niet te benijden positie.
Ik wens de onderhandelaars voor een nieuw college veel wijsheid toe om snel tot een nieuw en daadkrachtig gemeentebestuur te komen. Tot die tijd zal ik goed op de winkel passen, een weinig spannende activiteit en dus weinig nieuws op mijn weblog.

Tot ziens.