Posts tonen met het label samenwerking. Alle posts tonen
Posts tonen met het label samenwerking. Alle posts tonen

vrijdag 13 september 2013

Enschede

Met ingang van 1 januari 2015 krijgen de gemeenten in Flevoland er een belangrijke taak bij. Vanaf die datum zijn ze verantwoordelijk voor alle activiteiten op het gebied van de Jeugdzorg, een taak die nu nog voor een belangrijk deel bij de provincie ligt. Die verandering vraagt een enorme inzet van de gemeenten o.a. omdat het samen gaat met een forse bezuiniging door de rijksoverheid.

Samen met de Flevolandse jeugdzorgaanbieders en de provincie zijn de gemeenten al geruime tijd aan het werk om zich voor te bereiden op die overdracht. Een samenwerking die vooral in het begin wat moeizaam verliep maar die inmiddels zo goed op gang gekomen is dat we als regio in een aantal opzichten voorop lopen in Nederland.

Omdat we daarbij niet alles zelf hoeven te bedenken, kijken we zo nu en dan ook in andere regio's in de keuken. Vandaag was ik daarvoor met de betrokken wethouders en de aanbieders van Jeugdzorg (foto) te gast bij de gemeente Enschede.


We bezochten een huisartsenpraktijk om daar kennis te nemen van bijzonder project op het gebied van Jeugd GGZ, hebben kennisgemaakt met de manier waarop de gemeente zorg in de wijk organiseert en hebben kennis genomen van de manier waarop het stadsbestuur werkt aan de voorbereiding van de Jeugdzorg. 

We hebben veel inspiratie opgedaan die we in Flevoland kunnen gebruiken. 

Tot ziens.

vrijdag 14 december 2012

Over Flevoland Gesproken

Vandaag nam het Kabinet een besluit om in 2015 te komen tot een samenvoeging van de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. In de studio van Omroep Flevoland sprak in met Jeroen van der Laan over de visie van Flevoland op dit besluit.


woensdag 12 december 2012

Geen meerwaarde

Vanmiddag sprak ik met de leden Provinciale Staten voor de eerste keer over de plannen van het kabinet om te komen tot een fusie van de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. Bijna alle partijen vroegen zich hardop af wat de meerwaarde van een dergelijke megafusie zou moeten zijn voor Flevoland. Over het algemeen was men er niet van overtuigd dat het samenvoegen van provincies voldoende voordelen oplevert voor de inwoners en bedrijven in Flevoland. De aanwezigen riepen daarom de minister op om eerst maar eens met een goed inhoudelijk verhaal en een visie op het regionaal bestuur te komen.

Dat neemt niet weg dat ik vandaag wel de opdracht mee kreeg om met een open houding het gesprek met minister Plasterk en de twee andere provincies aan te gaan. Het belangrijkste is dat de minister de vraag gaat beantwoorden wat de winst van een fusie van de drie provincies precies is voor Flevolanders, voor Flevolandse bedrijven en voor de gemeenten in de provincie. Alleen dan kan er wellicht een begin van draagvlak voor deze plannen ontstaan. Provinciale Staten hebben mij duidelijk gemaakt dat ze dit zeer kritisch zullen volgen.

Het plan van het kabinet om de drie provincies op te schalen is volgens de staten niet ingebed in een brede visie op het openbaar bestuur. Wat wil het kabinet bijvoorbeeld gaan doen met de overige provincies en de vorming van de landsdelen, welke taken gaan over naar de provincies, wat is de toekomst voor gemeenten en waterschappen? Alleen het opschalen van de drie provincies is niet zinvol als het overige openbaar bestuur bij het oude blijft.

De leden van Provinciale Staten waren vandaag duidelijk in de koers die het college vanaf nu moet volgen. Ook maakte men duidelijk dat er nog heel veel vragen leven. Allemaal zaken die in een volgend gesprek met de minister aan de orde zullen komen. Zoals het er nu uitziet is dat al heel snel.

Tot ziens.

vrijdag 30 september 2011

Megafusie in de Randstad

Als gevolg van actuele ontwikkelingen moest ik vanmorgen mijn agenda grondig aanpassen. Dat begon nadat De Volkskrant met het bericht kwam dat het kabinet zou besluiten tot een fusie tussen Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. Vanaf dat moment stond bij de provinciale woordvoerders de telefoon niet meer stil. Nationale media toonden opeens veel interesse voor onze mening. Omdat ik binnen het college van GS de portefeuille Bestuurlijke Zaken beheer, kon ik vol aan de bak en dus zat ik om 12 uur in het nieuws op radio 1 en 2, stond ik 's middags in een radiostudio voor een debat over het onderwerp en was ik vrijdagavond te zien in het RTL Nieuws. Tussendoor stond ik Trouw en het Financieel dagblad te woord en maakte Omroep Flevoland opnames voor uitzending na het weekend.

Laat in de middag kwam de minister-president met uitsluitsel over wat er precies besproken was in het kabinet. Het kwam erop neer dat het kabinet indringend over het onderwerp had gesproken en dat men het eens was geworden. Men had echter nog geen besluit genomen. Daarvoor heeft minister Donner nog 1 à 2 weken nodig om een nieuw voorstel te formuleren.

Mooie woorden van de minister-president, maar ze verhullen naar mijn mening wat er echt aan de hand is. Om dat uit te leggen wil ik u vragen mijn weblog van 13 juli jl. nog eens na te lezen. Naar mijn mening zegt de minister president vanmiddag eigenlijk dat minister Donner een voorstel had gemaakt dat voor een meerderheid van het kabinet niet acceptabel was. Daar heeft men een stevige discussie over gehad, waarna de meerderheid heeft besloten dat Donner zijn voorstel moet aanpassen. Donner wil met de komende vacature bij de Raad van State ook niet teveel discussie over dit onderwerp en gaat nu werken aan een nieuw voorstel.

Uit de woorden van de minister-president valt op te maken dat het voorstel voor de megafusie er gaat komen. Voor ons is dat het signaal dat wij ons nu ook voluit gaan mengen in deze discussie. Ons standpunt daarbij is duidelijk. Wij zijn tegen deze megafusie omdat wij daar voor onze inwoners en bedrijven geen voordelen in zien. Dat standpunt mag voor niemand een verassing zijn. In het coalitieakkoord dat de fracties van VVD, PvdA, CDA en ChristenUnie eerder dit jaar hebben vastgesteld draagt niet voor niets de naam 'Zelfstandig en Uniek'. In dit akkoord krijgt het college van GS de opdracht ervoor te zorgen dat Flevoland erkenning krijgt als een onafhankelijke en zelfstandige provincie met een duidelijk profiel. Dat willen we vooral bereiken door een actieve samenwerking met o.a. andere provincies, en dus geen fusie.

Voor mij zijn de afspraken in het coalitieakkoord voldoende om de komende tijd flink aan de slag te gaan om te laten zien dat het plan voor de megaprovincie voor Flevoland een slecht plan is. Dat neemt niet weg dat er ook veel inhoudelijke argumenten tegen deze megafusie zijn te noemen. Ik noem er een paar.

Flevoland is 25 jaar geleden bewust ingericht als een 'provincie nieuwe stijl'. 6 gemeenten, 1 waterschap en 1 provincie. Een gebied met korte bestuurlijke lijnen, die een daadkrachtig bestuur mogelijk maken en bovendien de politiek dicht bij de mensen brengen. Door die opzet is Flevoland gevrijwaard gebleven van veel bestuurlijke drukte en ondoorzichtige 'democratische' hulpconstructies. Kom daar in Noord-Holland maar eens om, een gebied met 2,7 miljoen inwoners, waar men omkomt in bestuurlijke drukte, ondoorzichtige hulpbesturen en slepende projecten en procedures. In Utrecht is het niet veel anders. De nieuwe megaprovincie zou 4 miljoen inwoners krijgen. Dat is tien keer zoveel als Flevoland nu heeft. Bij mij gaat het er niet in dat we daardoor sneller, slagvaardiger, beter en goedkoper kunnen worden. Mijn inschatting is dat we binnen een paar jaar omkomen in dezelfde bestuurlijke drukte als Noord-Holland nu al heeft.

Om de megafusie door te zetten moet het kabinet een procedure starten op grond van de Wet Algemene Regels Herindeling (AHRI). Van de gemeentelijke herindelingen weten we dat het doorlopen van zo'n herindelingsprocedure vaak een buitengewoon tijdverslindende bezigheid is. Zeker wanneer niet alle partijen het eens zijn met het voornemen tot herindeling. Het starten van de procedure heeft echter ook tot gevolg dat allerlei belangrijke bestuurlijke trajecten tot stilstand komen vanwege onduidelijkheid over de toekomst. Dat levert veel schade op voor inwoners en bedrijven. Alle bestuurlijke energie die we in zo'n procedure moeten steken, kunnen we veel beter benutten om de werkelijke problemen op te lossen.

Overigens staan wij in onze afwijzing niet alleen. Een grote meerderheid van de Provinciale Staten van Flevoland denkt er net zo over. Ook in de tweede kamer is voorlopig nog geen meerderheid te vinden voor de plannen van dit kabinet. CDA kamerlid Bas Jan van Bochoven laat dit weekend weten dat het CDA geen voorstander is van onvrijwillige fusies en dat in het regeerakkoord ook helemaal niet staat dat het tot een fusie moet komen. Eerder sprak het PvdA kamerlid Lea Bouwmeester zich voor Omroep Flevoland ook uit tegen de megaprovincie. En voor wat het waard is: een poll op omroep Flevoland laat dit weekend zien dat na 600 reactie 85% tegen deze megafusie is. Dit laat weer eens zien wat we eigenlijk al heel lang wisten: onze inwoners zitten niet te wachten op bestuurlijke opschaling.

Tot ziens.

vrijdag 16 september 2011

Nieuwe IPO

Gisteren en vandaag zat ik op 'de hei' met het bestuur van het Interprovinciaal Overleg (IPO) om te praten over de toekomst van de provinciale belangenbehartiging. Het is geen geheim dat de samenwerking tussen de verschillende provincies de afgelopen periode nogal onder druk heeft gestaan. De belangrijkste oorzaak is de discussie die we hebben gehad over de verdeling van het provinciefonds. Die discussie heeft de onderlinge tegenstellingen fors verscherpt en dat had zoveel invloed op de onderlinge samenwerking dat er in verschillende provincies een discussie kwam over de vraag of we wel met het IPO door moesten gaan.

Om verbetering in de situatie te brengen hebben we de afgelopen dagen een groot aantal besluiten genomen over veranderingen in de samenwerking en hebben we bovendien nieuwe afspraken gemaakt over de onderwerpen waarop we als provincies willen samenwerken. Daarbij komen we tot een flinke beperking, vanaf nu werken we binnen het IPO aleen samen wanneer er heel nadrukkelijk sprake is van een gemeenschappelijk belang.

Omdat een goede samenwerking ook afhankelijk is van de vraag of de persoonlijke relaties tussen de bestuursleden onderling goed op orde zijn, hebben we ook daar aandacht voor gehad.

Mijn conclusie na twee dagen op de hei is dat het nieuwe bestuur zich bewst is van het belang van een goede samenwerking en dat we ons de komende tijd met hernieuwde energie gaan inzetten om dat inhoud te geven. Daarbij gaan we ons beperken tot die onderwerpen die er echt toe doen. Dat betekent ook dat de IPO-organisatie de komende jaren flink kleiner kan worden. Op die manier draagt het IPO bij aan de bezuinigingsopdracht waar alle provincies mee te maken hebben.

Aan het einde van de bijeenkomst hebben we binnen het bestuur gesproken over de onderlinge taakverdeling. Ik ga me de komende periode weer met de portefeuille Jeugdzorg bezighouden.

Tot ziens.

zaterdag 7 mei 2011

WK dammen 2011

Door het mooie weer zat het terras van 't Voorhuys in Emmeloord bomvol toen ik er vanmiddag langs liep. Ook op de kermis die voor de deur op De Deel stond was het al aardig druk. Wat opviel was dat de muziek iets zachter stond dan anders. Weinig mensen die ik hier op straat tegenkwam zullen geweten hebben dat ik zojuist de officiële opening van een echt WK had verzorgd. Van 7 t/m 28 mei is het WK dammen 2011 neergestreken in de provincie Flevoland. Vandaag was de start in het Voorhuys in Emmeloord. Halverwege verplaatst het hele 'WK circus' zich naar Urk waar in de Koningshof de laatste wedstrijden gespeeld worden.

Voor dit WK zijn de beste 20 damspelers ter wereld, onder wie een groot aantal voormalig wereldkampioenen naar de provincie gekomen. In de afgelopen 19 jaar ging de overwinning maar liefst 18 keer naar een deelnemer uit Rusland. De laatste keer dat een Nederlander met de eer ging strijken was in 1984, toen Harm Wiersma het tot wereldkampioen wist te brengen. Hoe het dit jaar afloopt weten we op de laatste speeldag, 28 mei op Urk. Insiders vertelden me dat Nederland weer een kans maakt. Er waren maar liefst 4 Nederlandse deelnemers onder wie Wiebe van der Wijk, inwoners van onze provincie. Hij mocht meedoen op de enige sponsorplaats en was door de sponsor GIBO-groep naar voren geschoven.

Dat het gelukt is om dit leuke sportevenement naar onze provincie te halen is mede een gevolg van het samen optrekken van de gemeenten Noordoostpolder en Urk. Bovendien had de provincie ook een duit in het zakje gedaan. Een mooi voorbeeld van Flevolandse samenwerking.

Als u interesse heeft in de vorderingen van de spelers gedurende het WK, kijk dan even op http://www.wkdammen2011.nl/ alle partijen zijn online te bekijken.

Tot ziens.



Location:Emmeloord

vrijdag 1 april 2011

Waterontmoeting

Vandaag was ik, op uitnodiging van dijkgraaf Henk Tiesinga, bij het Waterschap Zuiderzeeland in Lelystad voor de jaarlijkse Waterontmoeting. Deze ontmoeting wordt meestal gepland rond Wereldwaterdag, een moment om wereldwaterproblematiek onder de aandacht te brengen.

Zo’n 80 deelnemers spraken met elkaar over het thema ‘samenwerking tussen provinciale en lokale overheden’. Als gedeputeerde Water heb ik het woord gevoerd over de verschillende onderwerpen waar we elkaar als overheden nodig hebben. Gelukkig is vaak overeenstemming als het gaat om de waterbelangen in de provincie. We willen tenslotte allemaal veilig wonen, en schoon en voldoende drinkwater. Het is de moeite waard om over ogenschijnlijke tegenstellingen heen te stappen en voor echt partnerschap te gaan. Als het even kan wil ik me daar de komende periode voor in gaan zetten. Er staan flink wat onderwerpen op de wateragenda de komende jaren waarbij we elkaar nodig hebben om de Flevolandse doelstellingen te realiseren. In deze ontmoeting heerste een prima sfeer, ik heb veel positieve energie gezien om verder te investeren in onderlinge samenwerking.

Voor de liefhebbers is de tekst van mijn toespraak hier terug te vinden.

Tot ziens.

donderdag 10 maart 2011

Meldcode kindermishandeling

Ouders die te maken hebben met psychische problemen kunnen door hun gedrag een bedreiging vormen voor hun kinderen. De hulpverleners bij wie die ouders in behandeling zijn hebben echter een geheimhoudingsplicht waardoor ze zo'n situatie niet altijd mogen melden bij instanties die voor bescherming van die kinderen kunnen zorgen zoals bijvoorbeeld het Bureau Jeugdzorg. In de praktijk kan dat tot gevaarlijke situaties leiden.

Om deze problemen zoveel mogelijk te voorkomen hebben zes Flevolandse instellingen voor geestelijke gezondheidszorg vandaag afspraken gemaakt met Bureau Jeugdzorg Flevoland over het melden bij vermoedens van kindermishandeling. Die afspraken liggen vast in een protocol waarin maximaal gebruik wordt gemaakt de wettelijke ruimte om kinderen te beschermen. Vandaag was ik er in het provinciehuis getuige van dat alle partijen bij elkaar waren om het meldprotocol te ondertekenen.

Met deze nieuwe meldcode kunnen hulpverleners het belang van het kind voorop stellen en hun vermoedens melden. Bovendien draagt de meldcode ook bij aan grotere alertheid bij hulpverleners. Ik denk dat de meldcode ons enorm gaat helpen en ben er dan ook blij mee dat deze samenwerking in Flevoland vorm heeft gekregen. Volgend jaar gaan we evalueren om te kijken of het ook echt gewerkt heeft.

Tot ziens.

vrijdag 17 december 2010

100 dagen

Vandaag is het 100 dagen geleden dat ik mijn werkzaamheden als nieuwe gedeputeerde in Flevoland begon. Het einde van zo'n periode is tegenwoordig voor veel bestuurders aanleiding tot een moment van reflectie. Bovendien is het bijna Kerstmis, ook een tijd voor bezinning en reflectie. Met de verkiezingen voor de deur lijkt het me niet het juiste moment om van die reflectie heel veel werk te maken, maar ik wil het ook niet ongemerkt voorbij laten gaan.

Over het algemeen kijk ik terug op een prettige periode. Zowel door de medewerkers van de provincie, mijn collega-bestuurders als de andere mensen uit de polder ben ik buitengewoon hartelijk ontvangen. Dankzij professionele ondersteuning van de ambtelijke organisatie was ik in staat me snel in te werken. Mijn komst naar Flevoland voelde een beetje als een landing in een warm nest en dat was fijn.

De kennismaking met de politieke cultuur in Flevoland was wel even wennen. Misschien was dit wel het grootste verschil met de tijd toen ik in Leiden wethouder was. De politieke verschillen tussen partijen zijn hier veel kleiner. Daardoor duren zelfs de ‘lange’ vergaderingen in Flevoland naar mijn gevoel kort. Bolkenstein zei ooit dat saaie politiek een zegen voor de mensen was. Hij had gelijk, maar iets meer politiek en iets meer debat zou de Flevolandse politiek volgens mij wel ten goede komen.

Wat mij in deze provincie eigenlijk het meest is opgevallen, is de kleine schaal. Een provincie, zes gemeenten, een waterschap en krap vierhonderdduizend inwoners maakt het allemaal heel overzichtelijk. Geen groot duur provinciehuis en geen grote stadhuizen met vele honderden ambtenaren. Het is de voor deze provincie zo kenmerkende menselijke maat. Een wethouder in Flevoland heeft als dat nodig is binnen een mum van tijd een provinciebestuurder aan de telefoon en andersom is het voor ons geen probleem om een overleg met zes wethouders te beleggen om samen een koers te bespreken. Het is zo ongeveer zoals Thorbecke het bedoeld moet hebben. Die korte lijnen zijn buitengewoon waardevol en geven ons slagkracht. Wat mij betreft een goed voorbeeld voor andere provincies.

Toch zitten er ook nadelen aan die kleine schaal. Die nadelen zitten vooral in de relaties tussen de gemeenten onderling en de verhouding tussen provincie en de gemeenten. Door de kleine schaal lopen we elkaar soms voor de voeten en voeren we veel discussies over wie waarover gaat. Toch denk ik dat de gemeenten, het waterschap en de provincie in Flevoland zoveel gemeenschappelijke belangen hebben dat het zeer de moeite waard is om ons vooral samen sterk te maken van een sterkere Flevolandse samenwerking. Dat is goed voor de provincie en goed voor onze inwoners. Volgend jaar viert de provincie haar 25-jarig jubileum. Wat mij betreft een mooie aanleiding om werk te maken van die samenwerking.

De portefeuille die ik overgenomen heb van John Bos was voor mij in zekere zin een sprong in het diepe, er zaten voor mij veel nieuwe onderwerpen in. Voor mij betekende dat de afgelopen 100 dagen vooral veel inlezen, studeren en kennismaken, heel veel kennismaken. Achteraf gezien merk ik dat deze ‘mensenportefeuille’ mij sneller in zijn greep heeft gekregen dan ik voor mogelijk hield na al die jaren op de meer ‘harde’ beleidsterreinen. Met deze kennis zou ik graag na de verkiezingen een vervolg willen geven aan mijn eerste periode. Of dat ook gaat lukken is natuurlijk van veel meer afhankelijk dat mijn eigen inzet.

Tot ziens.

vrijdag 12 november 2010

Istanbul Declaration

Vandaag was mijn laatste dag in Istanboel voor de jaarvergadering van de Assembly of European Regions. Na een interessant symposium over de rol van regionale overheden bij de ontwikkeling van economische clusters, ben ik weer vertrokken naar het vliegveld.

De resulaten van deze General Assembly zijn vastgelegd in de 'Istanbul Declaration', die u hier nog eens rustig kunt doorlezen.

Het waren drie volle dagen. Veel tijd om de stad te ontdekken is er niet geweest, maar van wat ik heb gezien heb ik een positief beeld overgehouden. Istanboel is letterlijk een stad waar twee werelden samen komen. Aan de ene kant is het een moderne westerse stad, aan de andere kant een islamitische maatschappij. Die twee lijken volstrekt probleemloos in elkaar over te gaan. Het was een mooie ervaring om daar eens te zijn.

Gelukkig was er wel veel tijd om contacten te leggen en een goed beeld te krijgen van de activiteiten van de AER. Aan het einde van de reis heb ik mezelf dus ook de vraag gesteld of het lidmaatschap van de AER voor Flevoland nu werkelijk meerwaarde biedt. Met enige reserve stel ik vast dat dit wel het geval is. Het gaat daarbij wel om voordeel op de lange termijn. Een organisatie als de AER kan voor Flevoland waardevol zijn. Daarbij is het wel van belang dat we optimaal gebruik maken van de mogelijkheden die deze organisatie ons te bieden heeft. Op dat punt zijn er zeker nog wel verbeteringen mogelijk. Daar ga ik de komende tijd aan werken.



Tot ziens.

donderdag 11 november 2010

General Assembly

Het is hier in Istanboel één uur later en 12 graden warmer dan in Nederland. Dat maakt het goed toeven in deze wereldstad met 17 miljoen inwoners. Ik heb gisteravond mijn bagage en warme jas achtergelaten in het Nippon Hotel in het centrum van Istanboel en ben vanaf daar vertrokken voor een welkomstdiner aan boord van een schip op de Bosporus. Daar heb ik collegabestuurders uit heel Europa ontmoet en deed ik een poging om voor mezelf een beeld te vormen van de manier waarop de verschillende regio's samenwerken binnen de AER. Ook maakte ik kennis met de president van de AER, de uit Frankrijk afkomstige Michèle Sabban. Zelf is zij sinds 1998 Vice-President van de Regionale Council van de Franse regio Ile-de-France.

Vanmorgen vroeg begon de General Assembly in een groot conferentiecentrum in het centrum van Istanbul. Daar waren zo'n 500 bestuurders uit 37 europese landen aanwezig om besluiten te nemen over de organisatie van de AER en met elkaar te praten over het thema van deze bijeenkomst: de uitdaging van Europa 2020, een strategie van de Europese Commissie voor een slimme, duurzame en inclusieve groei van Europa. Om u een indruk te geven van deze bijeenkomst heb ik onderstaand filmpje van een Italiaanse omroep op youtube gevonden. Na 29 seconden ben ik zelf nog net even in beeld.







Gedurende de dag hebben we een hele agenda afgehandeld. Een van de onderwerpen had betrekking op de europese regelgeving voor staatsteun aan regionale luchthavens. Mede dankzij de inzet van de AER komt hier meer ruimte en daar kunnen wij bij de groei van de luchthaven bij Lelystad rechtstreeks belang bij hebben. Tussen de verschillende onderdelen door was er voldoende gelegenheid om nieuwe informele contacten te leggen. Zo heb ik onder andere gesproken over de voorbereidingen van de AER Summerschool, die volgend jaar in Flevoland gehouden zal worden.

Na afloop van de eerste dag waren we op uitnodiging van de Gouverneur van Istanbul te gast voor een diner in het indrukwekkende Çirağan Palace Kempinski, een 17e eeuws paleis aan de oevers van de Bosporus, dat tegenwoordig als luxe hotel in gebruik is. De Turkse overheid liet zich tijdens het hele congres overigens van haar beste kant zien. Ze deden duidelijk erg hun best om bij de 500 europese bestuurders een positieve indruk achter te laten. Daarbij staken ze de ambitie om een rol in Europa te gaan spelen niet onder stoelen of banken.

Tot ziens.

woensdag 10 november 2010

KL1613

Op elke plaats waar beslissingen worden genomen kom je mensen tegen die dat willen beïnvloeden. Beïnvloeden van beleidsmakers is een belangrijk onderdeel van onze democratie. Burgers en belangengroeperingen doen dat via inspraakprocedures, via klankbordgroepen, door aktie te voeren of door te lobbyen. Die beïnvloeding wordt sterker wanneer groepen burgers of belangenorganisaties voor bepaalde onderwerpen samen gaan werken. Zelf heb ik bij besluiten in het verleden vaak kunnen ervaren dat dergelijke organisaties buitengewoon effectief kunnen zijn.

Ook overheden hebben er belang bij om besluitvorming van andere overheden te beïnvloeden en vaak zoeken ze daarvoor ook samenwerking. Zo werken de provincies voor belangrijke onderwerpen samen in het Interprovinciaal Overlegorgaan (IPO). Door middel van o.a. lobbyactiviteiten proberen we via het IPO te voorkomen dat in Den Haag besluiten worden genomen die tegen het belang van de provincies in gaan.

Nu worden besluiten die invloed hebben op de provincie niet alleen in Den Haag genomen. Ook Europa neemt besluiten die gevolgen hebben voor onze provincie. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat Flevoland de afgelopen jaren veel subsidie uit Europa heeft gekregen. Maar ook allerlei Europese regels hebben invloed op onze provincie.

Wij hebben er dus belang bij om besluitvorming op europees niveau te beïnvloeden. Dat doen we onder andere door ons lidmaatschap van de 'Assembly of European Regions (AER)'. Behalve Flevoland hebben zo'n 270 regio's uit 33 landen zich aangesloten bij het AER. Daarmee is het AER een invloedrijke club in Europa. Naast lobbyactiviteiten wisselen aangesloten regio's ook kennis uit en werken ze samen in projecten die te groot of te complex zijn om zelf uit te voeren. Naast Flevoland zijn in Nederland ook Noord-Brabant, Gelderland en Limburg lid van de AER.

Een keer per jaar heeft de AER haar 'General Assembly', zeg maar de algemene jaarvergadering. Dit jaar is dit in Istanboel. Aangezien het lidmaatschap van AER in mijn portefeuille zit vertrok ik vanmorgen vroeg vanaf Schiphol met de KL1613 naar Istanbul. Morgen doe ik verslag van mijn ervaringen.

Tot ziens.

maandag 25 januari 2010

Den Uyl

De toegangskaart voor de Dr. J.M. den Uyl-lezing in Amsterdam had ik al een tijdje in huis. Ik had een hoge verwachting van de lezing die dit jaar door Wouter Bos zou worden uitgesproken. De titel was 'De Derde Weg Voorbij'. Toch bleef mijn stoel in 'De Rode Hoed' vanavond leeg. De tijdelijk uitbreiding van mijn portefeuille bracht me vanavond naar Leiderdorp waar ik getuige was van de besluitvorming over de Ringweg-Oost, het project waarvoor de raad van Leiden onlangs het groene licht gaf.

Het was een bijzondere ervaring om weer eens bij een raadsvergadering buiten de gemeente aanwezig te zijn. Dat zijn van die momenten waarop je weer ziet dat de stedelijke vergadercultuur die we in Leiden gewend zijn, wel heel erg afwijkt van wat in veel andere gemeenten gebruikelijk is. In Leiderdorp blijven raadsleden tijdens de vergadering op hun plaats zitten, is het aantal interrupties buitengewoon laag en hebben partijen een bepaalde mate van respect voor elkaar.

De behandeling van het collegevoorstel voor de aanleg van Ringweg-Oost duurde lang en maakte bij sommige aanwezigen de emoties behoorlijk los. Gedurende het debat werd duidelijk dat een meerderheid er niet in zat, ook niet voor het wijzigingsvoorstel dat CDA en PvdA hadden ingediend. Uiteindelijk werd daardoor het hele voorstel door de raad verworpen.

Voor Leiden is dat een forse streep door de rekening. De Ringweg-Oost is voor ons een belangrijke verbinding uit de nota bereikbaarheid. Zonder duidelijkheid over de ringweg kan ook de Rijngouwelijn in gevaar komen en daar zitten we niet op te wachten. Een probleem dat we de komende dagen op zullen moeten lossen.

De Den Uyl-lezing van Wouter Bos heb ik na afloop gelukkig nog digitaal kunnen beluisteren. Achteraf heb ik kunnen constateren dat Wouter helemaal heeft voldaan aan mijn verwachtingen. Wat was ik daar graag bij geweest.

Tot ziens.

zaterdag 4 juli 2009

Pont

Leiden heeft niet zoveel recreatiegroen binnen haar grenzen. Daardoor zijn onze inwoners voor deze vorm van recreatie afhankelijk van het groen buiten de stad. Gelukkig is dat in ruime mate aanwezig in de vorm van het groene hart, maar dan moet je dat groen natuurlijk wel goed kunnen bereiken. Daarom vaart er al ruim 10 jaar een veerpont vanuit het park achter de Leidse Merenwijk naar het groene hart aan de overkant van De Zijl. Deze verbinding is een initiatief van Leiden, Leiderdorp en Teylingen. Jaarlijks draagt Leiden zo'n tienduizend euro bij in het exploitatietekort van deze veerpont.

Dat deze pont in een behoefte voorziet bleek vandaag toen na ruim tien jaar de 250.000 passagier begroet mocht worden. Ter ere van dit heugelijke feit was ik met mijn collega's uit Teylingen en Leiderdorp aanwezig om deze passagier een verassing te bezorgen. Behalve een bos bloemen en een jaarabonnement voor de pont, kreeg zij een fiets ter waarde van 400 euro aangeboden.

Bijgaand Filmje ontving ik van Rose Marie Keijzer, raadslid voor D66 in de gemeente Teylingen, waarvoor natuurlijk mijn dank.

Tot ziens.

woensdag 24 juni 2009

Medical Delta

Op 18 oktober 2008 schreef ik op mijn weblog een verhaal over de Medical Delta, een samenwerkingsverband tussen ons LUMC, het Rotterdamse Erasmus MC, de bijbehorende universiteiten en de TU Delft op het gebied van Bio Science, Gezondheidszorg en technologie. Vanavond was ik in Rotterdam voor het ondertekenen van een samenwerkingsovereenkomst.

De doelen van dit samenwerkingsverband zijn tweeledig. Op de eerste plaats willen deze partijen de kwaliteit en effectiviteit van de geneeskunde en gezondheidszorg verbeteren via (bio)medische en technologische innovaties.

Op de tweede plaats wil men economische kansen op het terrein van de biomedische en technologische innovaties op regionaal (Zuid-Holland), nationaal en internationaal niveau stimuleren.

De provincie Zuid-Holland en steden Delft, Rotterdam en Leiden hebben onlangs besloten om de veelbelovende samenwerking van bovenstaande wetenschappelijke instellingen te gaan ondersteunen. Daarvoor gaan nu ook de gemeenten op dit gebied samenwerken. Gevolg van deze samenwerking is dat we in dit gebied ons nu samen sterk gaan maken voor de economische ontwikkelingen in deze sector. Daarmee is de nieuwe Medical Delta direct een topspeler op Europees niveau en ontstaan grote kansen voor Leiden en ons Bio Science Park.

Het was voor mij tevens de eerste kennismaking met mijn nieuwe collega, wethouder EZ uit Rotterdam, Hans Vervat. Op de foto de tweede van links.

De Medical Delta heeft ook een eigen site voor meer informatie over deze unieke samenwerking.

Tot ziens.

maandag 22 juni 2009

Feestje

Namens de gemeente Leiden heb ik zitting in de stuurgroep Oude Rijnzone. De Oude Rijnzone is het gebied langs de rivier de Oude Rijn, grofweg tussen Leiden en Bodegraven. De gemeenten Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude, Rijnwoude, Alphen aan den Rijn, Bodegraven, de Provincie Zuid-Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland werken samen om de ontwikkeling van de Oude Rijnzone in tal van opzichten te stimuleren. Bij het project zijn ook verschillende organisaties van bewoners en gebruikers betrokken. De partijen spannen zich gezamenlijk in om te komen tot herstructurering en integrale ontwikkeling van dit gebied, gericht op een verbetering van de kwaliteit. Deze regionale samenwerking maakt het mogelijk om oplossingen te zoeken die voorheen niet haalbaar leken.

De gemeente Leiden is een beetje een vreemde eend in de bijt. De Oude Rijnzone maakt immers geen deel uit van onze gemeente, maar omdat er in dit gebied ook ruimte is voor een nieuw bedrijventerrein ten behoeve van Leiden en de regio Holland Rijnland, hebben wij als stad wel veel belang bij een goede ontwikkeling van dit gebied.

Vandaag was het feest in de Oude Rijnzone. Minister Kramer kwam met een cheque van maar liefst 30 miljoen euro naar het gebied. Met dit geld kan de uitvoering van plannen in de Oude Rijnzone beginnen. Voor de stuurgroep was dat buitengewoon goed nieuws.

Van de overhandiging is het onderstaande filmverslag gemaakt.



Meer informatie over de Oude Rijnzone is hier te vinden.

Tot ziens.

vrijdag 16 januari 2009

Europese Zaken

In maart 2000 hebben de Europese regeringsleiders in Lissabon afspraken gemaakt over de economische, sociale en ecologische ontwikkeling van Europa. Deze afspraken zijn de geschiedenis ingegaan als de Lissabon Agenda. Een jaar later zijn in Gothenburg aanvullende afspraken gemaakt mbt milieu en duurzaamheid, de Gothenburg Agenda. Onderdeel van deze afspraken was dat Europa tegen 2010 de meest competitieve en dynamische kenniseconomie van de wereld moest zijn.

Europa heeft verschillende manieren om dit soort indrukwekkende doelstellingen te behalen. Een belangrijk instrument is het beschikbaar stellen van subsidiegeld voor projecten die de realisatie van dit doel dichterbij brengen. Wie nu denkt dat de EU dit geld gewoon uitgeeft aan die projecten die de doelstelling het snelst dichterbij brengen, heeft het mis. In Europa hebben we een buitengewoon ingewikkeld en politiek systeem bedacht om dit geld uiteindelijk te verdelen over de projecten in de verschillende lidstaten.

Neem nu bijvoorbeeld het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). Van het geld uit dit structuurfonds wordt eerst een verdeling gemaakt over de verschillende lidstaten. Daar is geen vastgestelde verdeelsleutel voor, de verdeling is mede een gevolg van lobbywerk van onze nationale overheid. Voor de periode 2007 tot 2013 heeft Nederland 830 miljoen euro binnen weten te halen. Voorwaarde voor gebruik is dat de subsidie door de Nederlandse overheid of bedrijven moet worden verdubbeld. De Nederlandse overheid heeft aangegeven 178,6 miljoen euro te willen investeren. De rest zou van private partijen moeten komen. Daardoor is er ruim 900 miljoen euro beschikbaar om over ons land te verdelen.

Vervolgens moet dit geld weer over projecten binnen Nederland worden verdeeld. Ook de Nederlandse regering wil weer voorkomen dat dit geld teveel naar één regio gaat. Om dit geld 'eerlijk' te verdelen is Nederland opgedeeld in 4 landsdelen. Leiden ligt in het landsdeel west. Na een ingewikkeld proces van politieke besluitvorming waar kabinet, provincies en de 4 grote steden betrokken zijn is, er uiteindelijk 391 miljoen euro naar dit landsdeel gekomen.

Onlangs werd bekend dat de Stichting BioPartner Academische Bedrijven Centrum Leiden een bedrag van 3,4 miljoen euro heeft ontvangen. Dit geld is bedoeld voor de uitbreiding van het gebouw met voorzieningen voor Bioscience bedrijven in Leiden die nog niet volwassen genoeg zijn voor de commerciële markt. Het gebouw en de daarbinnen te realiseren voorzieningen moet doorstroom mogelijkheden bieden voor bedrijven in de sector Life Sciences tussen de 5 en 10 jaar oud.
Momenteel lopen er nog een aantal andere aanvragen met een omvang van vele miljoenen. Willen we ook daarvoor succesvol worden dan zullen we ook vanuit Leiden bereid moeten zijn om daarvoor steun te zoeken bij de provincie, de grote steden en in Brussel.

De verdeling van geld uit Europa is een ingewikkeld proces waarbij de politieke lobby een belangrijk rol speelt. Leuk of niet, maar als wij willen dat dit soort gelden ook in Leiden en de regio terecht komt dan zullen we mee moeten doen aan dit ingewikkelde proces. Dan zullen wij bij de provincie maar ook in Brussel moeten lobbyen voor projecten die belangrijk zijn voor onze stad of regio. Als portefeuillehouder Europa was ik vandaag aanwezig bij een bijeenkomst op het Zuid-Hollandse provinciehuis waar we een interessante discussie voerden over de manier waarop we onze regio in Brussel nog beter op de kaart kunnen krijgen.

Soms lijkt het wel dat de complexiteit van dit soort processen een politiek doel op zich is. Alleen overheden die echt de moeite nemen om zich hierin te verdiepen en die een stevige lobby kunnen ontwikkelen kunnen hierbij een rol spelen. En dan te bedenken dat Nederland binnen Europa nog steeds een netto betaler is. Er gaat dus meer Nederlands geld naar Europa dan dat wij totaal aan subsidies ontvangen.

Tot ziens in Brussel.

vrijdag 12 december 2008

Kasteel

Vandaag viel mij de eer te beurt om de officiële opening te verrichten van de nieuwste locatie van Kinderopvang 't Kasteel. Deze nieuwe accommodatie is tot stand gekomen dankzij een unieke samenwerking tussen de organisatie van 't Kasteel en korfbalvereniging LKV Sporting Trigon. Na een ingrijpende verbouwing van de oude sportkantine van Trigon is deze tevens geschikt als opvanglocatie voor buitenschoolse opvang. Op 't Kasteel Trigo vermaken de 'prinsen en prinsessen' van 9 tot 12 jaar zich dagelijks buiten schooltijd.

't Kasteel Trigon is wel een heel mooi voorbeeld van multifunctionele samenwerking tussen een organisatie voor kinderopvang en een sportvereniging. Voor de mensen van 't Kasteel was het niet de eerste keer dat men getuige was van de opening van een multifunctionele locatie. De andere locaties in Leiden zijn 't Kasteel De Speelschans (in speeltuin De Speelschans) en 't Kasteel Roomburg (bij de Leidse Hockeyclub Roomburg). Door deze samenwerking is de accommodatie 's avonds en het weekend in gebruik voor de sportvereniging en de overige tijd als kinderopvang. De organisaties delen de kosten en hebben daardoor beide een professionele accommodatie voor een hele betaalbare prijs. Daarnaast heeft het gebouw een hele mooie buurtfunctie gekregen. Alleen maar winnaars dus.

Wat mij betreft geven Trigon en 't Kasteel met deze samenwerking een voorbeeld dat ook op andere plekken in de stad navolging kan krijgen. Daar zou ik me in ieder geval wel voor in willen zetten.

De openingshandeling zelf mocht ik verrichten door het gooien van een bal door een korf. In één keer raak! De foto van dat moment ontving ik van Hans IJzerman, waarvoor mijn dank.

Ik wens besturen, medewerkers en vrijwilligers heel veel succes met deze prachtige locatie.

Tot ziens.

vrijdag 24 oktober 2008

10 miljoen voor Leiden Bio Science

Op 16 januari van dit jaar schreef ik hier over het rijksprogramma Randstad Urgent. Binnen dit programma zochten wij samen met het ministerie van Economische Zaken naar een mogelijkheid om een kostbare verbetering van de verkeersontsluiting voor het Bio Science Park te financieren. Het gaat hier om de bouw van een ongelijkvloerse kruising op het knooppunt Plesmanlaan/Haagse Schouwweg. Aanpassing van dit knooppunt is een noodzakelijke voorwaarde voor de verdere ontwikkeling van het Bio Science Park en een aantal andere ruimtelijke projecten waaronder Huis van de Sport. Aangezien met de uitbreiding van het Bio Science Park ook nationale belangen gediend zijn, trokken de gemeente Leiden en het Rijk hier de afgelopen maanden samen op.

Vandaag heeft de ministerraad besloten om een rijksbijdrage van 10 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de aanpak van dit knooppunt. Voor mij is dat geweldig nieuws. Het Leiden Bio Science Park maakt al deel uit van de Europese top-5 van science parken, maar kan die positie nu verder uitbreiden en versterken. We hebben berekend dat hierdoor in de komende twintig jaar zo'n 16.000 arbeidsplaatsen gecreëerd kunen worden.

Dankzij de goede en intensieve ambtelijke en bestuurlijke samenwerking tussen de gemeente Leiden, het ministerie van Economische Zaken, de provincie Zuid-Holland en de Universiteit Leiden, is het gelukt om snel tot een besluit te komen.

Naast het rijk zullen ook de provincie en de gemeente een vergelijkbare bijdrage doen. Daarmee kunnen we de komende maanden echt aan de slag om de plannen verder uit te werken zodat de eerste spade zo snel mogelijk de grond in kan. Daarmee kan een van de belangrijkste verkeersknooppunten in Leiden worden aangepakt.

Tot ziens.