In de zomerperiode ligt in overheidsland de besluitvorming vaak vele weken stil. We noemen dat het zomerreces. Voor mij als bestuurder een mooie gelegenheid om wat meer de provincie in te trekken om ideeën en inspiratie op te doen voor een nieuw seizoen. Vorig jaar liep ik zomerstages bij onze Flevolandse jeugdzorginstellingen en deed daarover verslag op mijn weblog. Mijn ervaring is dat ik, met deze zomerstages vers in het geheugen, weer met een frisse blik aan de slag kan. Het werkt door in de gesprekken met collega-bestuurders en besluiten die ik voorbereid.
Ook in de komende zomer wil ik mijn blik weer nadrukkelijk naar buiten richten. Daarvoor ben ik op zoek naar organisaties en/of bedrijven, ik zoek dus een stageplaats.
Ik ben vooral geïnteresseerd in ervaringen die ik in mijn werk kan gebruiken, dus onderwerpen die mijn portefeuille raken:
- Financiën
- Jeugdzorg/Jeugdbeleid
- OostvaardersWold/Natuurontwikkeling
- Flevolandse agenda (bestuurlijke samenwerking)
- Informatisering en automatisering
- Personeel en Organisatie
- Communicatie
Wilt u mij gedurende een hele of een halve dag kennis laten maken met een interessant onderwerp waarmee ik nieuwe ervaring kan opdoen? Of weet u een goed initiatief dat wel wat aandacht kan gebruiken, ik kom graag langs voor een zomerstage. Doe mij een aanbod per mail en ik neem contact op voor een afspraak.
Tot ziens.
zondag 24 juni 2012
Stageplaatsen gezocht.
woensdag 13 juni 2012
Geen kinderen tussen wal en schip
Vanmiddag schoof ik als gedeputeerde jeugdzorg aan bij het overleg van de Stuurgroep Jeugd en Gezin Urk. Urk werkt aan het nieuwe jeugdbeleid en betrekt hier de jongeren en de organisaties bij die werken met jongeren. De wens van jongeren om in hun eigen woonplaats te wonen en te werken is goed gehoord. Zo zijn er plannen het onderwijs uit te breiden met opleidingen die aansluiten bij het beschikbare werk. En gelukkig is er ook aandacht voor kinderen en jongeren die een steuntje in de rug nodig hebben, want soms gaat gezond en veilig opgroeien niet vanzelf.In het land is veel gaande rond het jeugdbeleid en de jeugdzorg. Veel mensen zijn blij dat een aantal maatregelen met de val van het kabinet worden uitgesteld (ook omdat daarbij bezuinigd zou worden). Maar er is ook een andere kant en daar werd vanuit de stuurgroep terecht op gewezen. Dat er meer voorbereidingstijd is, is mooi. Maar dat moet niet leiden tot achteroverleunen. Als we willen dat de jeugd op Urk straks krijgt wat ze nodig hebben, moeten we daar nu hard aan gaan werken. Passend bij de termen van de visserij op Urk: geen kind tussen wal en schip.
En daar sluit ik me bij aan... voor heel Flevoland.
Tot ziens.
donderdag 31 mei 2012
Crisis
Het was ver na middernacht toen ik thuiskwam na een hele lange en ingewikkelde vergaderdag. De vergaderdag begon gisterenochtend relatief rustig met het vaststellen van de Perspectiefnota. Na een uitwisseling van vriendelijke woorden, korte discussies en een stuk of 16 moties stelden Provinciale Staten het financieel perspectief voor de komende 4 jaar vast. Voor mij als portefeuillehouder financiën een mooi moment en het startsein om aan de slag te gaan met de begroting voor 2013.
De discussie zat vooral aan het einde van de vergaderdag toen er een besluit genomen moest worden over het vervolg van het Oostvaarderswold. Eerder schreef ik hier hoe binnen de coalitie de meningen uiteen liepen over een oplossing voor dit vraagstuk. De Partij van de Arbeid hield vast aan het uitwerken van een scenario van het bestaande plan, terwijl de andere partijen via een open planproces wilden komen tot een heel nieuw plan voor natuurontwikkeling in Flevoland. Na heel veel discussie hadden de partijen elkaar gevonden in een gezamenlijke tekst. Het was een echt politiek compromis, waarbij partijen tot het uiterste zijn gegaan om eruit te komen. Dat maakte het echter ook een breekbaar compromis.
Dat bleek even later toen er tijdens de Statenvergadering een discussie kwam over een bepaalde regel in de compromistekst. De tekst ging in essentie over de vraag of mogelijke financiële meevallers in het proces wel of niet zouden mogen worden gebruikt voor meer natuurontwikkeling. Volgens de PvdA zou dat wel moeten, de VVD vond van niet. De andere coalitiepartners sloten zich bij de VVD aan. Die tegenstelling escaleerde vervolgens. De combinatie van het late tijdstip en de lange vergaderdag zorgde vervolgens voor de rest. Toen er geen oplossing leek te komen, zag mijn partij zich genoodzaakt om haar steun aan de coalitie ter discussie te stellen. Daarmee werd het voortbestaan van het college uiterst onzeker.
Talloze schorsingen, veel emoties en veelvuldig crisisoverleg in achterkamers deden de politieke temperatuur in het provinciehuis tot grote hoogte stijgen. Toen VVD, CDA en ChristenUnie uiteindelijk de bereidheid uitspraken om de tekst aan te passen was de kou uit de lucht en kon er een besluit worden genomen.
Grote opluchting achter de collegetafel. Het college kan weer verder en bovendien kunnen we een vliegende start gaan maken met het open planproces voor nieuwe natuur in Flevoland. Daar gaat u zeker meer van horen.
We zijn door het oog van de politieke naald gekropen. De komende tijd zullen we flink moeten investeren in de persoonlijke relaties. Ik wil iedereen die gisteren zijn nek heeft uitgestoken om eruit te komen, vanaf deze plaats bedanken.
Tot ziens.
De discussie zat vooral aan het einde van de vergaderdag toen er een besluit genomen moest worden over het vervolg van het Oostvaarderswold. Eerder schreef ik hier hoe binnen de coalitie de meningen uiteen liepen over een oplossing voor dit vraagstuk. De Partij van de Arbeid hield vast aan het uitwerken van een scenario van het bestaande plan, terwijl de andere partijen via een open planproces wilden komen tot een heel nieuw plan voor natuurontwikkeling in Flevoland. Na heel veel discussie hadden de partijen elkaar gevonden in een gezamenlijke tekst. Het was een echt politiek compromis, waarbij partijen tot het uiterste zijn gegaan om eruit te komen. Dat maakte het echter ook een breekbaar compromis.
Dat bleek even later toen er tijdens de Statenvergadering een discussie kwam over een bepaalde regel in de compromistekst. De tekst ging in essentie over de vraag of mogelijke financiële meevallers in het proces wel of niet zouden mogen worden gebruikt voor meer natuurontwikkeling. Volgens de PvdA zou dat wel moeten, de VVD vond van niet. De andere coalitiepartners sloten zich bij de VVD aan. Die tegenstelling escaleerde vervolgens. De combinatie van het late tijdstip en de lange vergaderdag zorgde vervolgens voor de rest. Toen er geen oplossing leek te komen, zag mijn partij zich genoodzaakt om haar steun aan de coalitie ter discussie te stellen. Daarmee werd het voortbestaan van het college uiterst onzeker.Grote opluchting achter de collegetafel. Het college kan weer verder en bovendien kunnen we een vliegende start gaan maken met het open planproces voor nieuwe natuur in Flevoland. Daar gaat u zeker meer van horen.
We zijn door het oog van de politieke naald gekropen. De komende tijd zullen we flink moeten investeren in de persoonlijke relaties. Ik wil iedereen die gisteren zijn nek heeft uitgestoken om eruit te komen, vanaf deze plaats bedanken.
Tot ziens.
woensdag 30 mei 2012
Joram for President!
Tijdens de behandeling van de Perspectiefnota, vandaag in de Statenvergadering, voerde Statenlid en 2e Kamerlid Joram van Klaveren vanmorgen namens de PVV het woord. Ik reken Joram tot een van de betere sprekers als het gaat om de vorm waarin hij zijn betoog weet neer te zetten. Hij doet dat humoristisch, scherp, in korte zinnen en met de nodige charme. Bovendien maakt hij kwistig gebruik van goed doordachte frames. Die mooie vorm staat echter in schril contrast met de inhoud van zijn toespraken. Zo hoorden de aanwezigen hoe hij vandaag tijdens zijn eerste termijn terugviel in zodanig PvdA bashen (pesten) dat hij van zichzelf een karikatuur maakte. Voor mij als PvdA gedeputeerde had hij vanzelfsprekend weinig vleiende teksten in zijn verhaal opgenomen.
Alle landelijke politieke partijen zitten momenteel in het proces van kandidaatstelling voor de Tweede Kamer. De PVV heeft daarvoor een aparte procedure. Geert Wilders wijst zijn kandidaten aan. Omdat ik erop reken dat Joram straks weer in de Tweede Kamer terug wil keren, ontstond bij mij de indruk dat hij in onze statenzaal een poging deed om Geert Wilders nog een keer extra te behagen. Geert is immers gek op PvdA bashen.
Zoals ik al zei, Joram is een goed debater, een prima mens en bovendien van onbesproken gedrag. Dat laatste kunnen niet veel PVV-kamerleden zeggen. Ik eindigde mijn inbreng daarom met een aanbeveling aan Geert Wilders om Joram vooral heel hoog op de kandidatenlijst te zetten.
In zijn reactie, vroeg Joram zich vervolgens af of mijn aanbeveling hem wel zou helpen. Reden voor mij om het hier nog maar eens te herhalen.
Tot ziens.
Alle landelijke politieke partijen zitten momenteel in het proces van kandidaatstelling voor de Tweede Kamer. De PVV heeft daarvoor een aparte procedure. Geert Wilders wijst zijn kandidaten aan. Omdat ik erop reken dat Joram straks weer in de Tweede Kamer terug wil keren, ontstond bij mij de indruk dat hij in onze statenzaal een poging deed om Geert Wilders nog een keer extra te behagen. Geert is immers gek op PvdA bashen.
Zoals ik al zei, Joram is een goed debater, een prima mens en bovendien van onbesproken gedrag. Dat laatste kunnen niet veel PVV-kamerleden zeggen. Ik eindigde mijn inbreng daarom met een aanbeveling aan Geert Wilders om Joram vooral heel hoog op de kandidatenlijst te zetten.
In zijn reactie, vroeg Joram zich vervolgens af of mijn aanbeveling hem wel zou helpen. Reden voor mij om het hier nog maar eens te herhalen.
zaterdag 26 mei 2012
Witte wijn en goede ideeën
Het was vanmiddag echt zo'n middag om met een koel glas witte wijn en een mooi boek de luwte op te zoeken. Het kwik kwam wederom tot zomerse temperaturen.
Toch zat ik vanmiddag met een paar honderd enthousiaste mensen in een donker studiocomplex in Utrecht om na te denken over meer dan 1000 ideeën die binnengekomen zijn voor het nieuwe PvdA verkiezingsprogramma. Het was een leuke middag met leuke mensen en goede ideeën. Goed om te zien dat zoveel mensen hun inbreng leveren op zo'n vernieuwende manier. Leuk om daarbij te zijn geweest. Met een goed boek in de tuin kan morgen vast ook nog wel.
Tot ziens.
maandag 21 mei 2012
Bloembollen
Voor degene onder u die het nog niet weten, ik ben geboren en getogen in Hillegom, een gemeente in de Bollenstreek tussen Haarlem en Leiden. Als zoon van een bollenkweker woonde ik de eerste 20 jaar van mijn leven tussen de bollenvelden. Na mijn middelbare school ging ik in Lisse naar de Rijks Middelbare Tuinbouwschool, met de hoofdvakken Bloementeelt en Bloembollenteelt. In die tijd ging ik er nog van uit dat ik mijn werkzame leven in de tuinbouwsector zou doorbrengen. Het was onder andere de ontdekking van de politiek wat mij later tot andere keuzes bracht.
Inmiddels zijn we heel wat jaren verder en ben ik in Flevoland beland. Hier merkte ik dat mijn hart sneller ging kloppen toen ik me verdiepte in de bloembollenteelt in de Noordoostpolder. Ik denk dat de overeenkomsten tussen dat gebied en mijn geboortegrond maakt dat ik me in deze provincie thuis voel.
Onlangs was ik in gesprek met een aantal agrariërs uit het gebied van het Oostvaarderwold. Zij vertelden me dat er voor de pachtgronden in het betreffende gebied een verbod van toepassing is voor de teelt van bloembollen en dat dit verbod bovendien het gevolg is van provinciaal beleid. U kunt zich voorstellen dat ze daarmee onmiddellijk mijn aandacht hadden. Van mijn ambtenaren weet ik inmiddels dat dit verbod alles te maken heeft met gebruik van bestrijdingsmiddelen in de bollenteelt en de gevolgen voor de betreffende gronden.
Laat ik nu in de veronderstelling verkeren dat de sector de afgelopen jaren enorme inspanningen heeft verricht om de milieubelasting die een gevolg is van deze teelt terug te dringen. Het simpele feit dat middelengebruik hoger ligt dan bij de teelt van andere gewassen zegt al lang niets meer over potentieel schadelijke effecten die zouden kunnen optreden.
Bovendien is het voor een duurzaam gebruik van landbouwgrond juist van belang dat de agrariërs maximaal gebruik kunnen maken van de mogelijkheden van vruchtwisseling voor welke teelt dan ook (en dus ook voor bollen). De regelgeving met betrekking tot het gebruik van allerlei middelen is m.i. terecht streng, laat daar geen misverstand over bestaan. Door deze regels wordt in toenemende mate het over en weer gebruik van gronden door agrariërs onderling al moeilijker. Onnodige belemmeringen zoals het verbod op telen van bloembollen moeten dan ook zoveel mogelijk worden weggenomen. En bovendien, wat past meer bij Nederland dan bloembollen in een polderlandschap.
Laat ik nu in de veronderstelling verkeren dat de sector de afgelopen jaren enorme inspanningen heeft verricht om de milieubelasting die een gevolg is van deze teelt terug te dringen. Het simpele feit dat middelengebruik hoger ligt dan bij de teelt van andere gewassen zegt al lang niets meer over potentieel schadelijke effecten die zouden kunnen optreden.
Bovendien is het voor een duurzaam gebruik van landbouwgrond juist van belang dat de agrariërs maximaal gebruik kunnen maken van de mogelijkheden van vruchtwisseling voor welke teelt dan ook (en dus ook voor bollen). De regelgeving met betrekking tot het gebruik van allerlei middelen is m.i. terecht streng, laat daar geen misverstand over bestaan. Door deze regels wordt in toenemende mate het over en weer gebruik van gronden door agrariërs onderling al moeilijker. Onnodige belemmeringen zoals het verbod op telen van bloembollen moeten dan ook zoveel mogelijk worden weggenomen. En bovendien, wat past meer bij Nederland dan bloembollen in een polderlandschap.
En daarmee kom ik tot het dilemma: Volg ik mijn roots en ga ik uitzoeken of het verstandig is het bestaande verbod in te trekken en daarmee de boeren een kans te gunnen op een rendabelere teelt. Of moeten we vanwege de milieueisen de huidige regels handhaven? En is dat dan te rijmen met mijn enthousiasme voor het feit dat bijvoorbeeld de Noordoostpolder hard op weg is om de nieuwe Bollenstreek van Nederland te worden?
Ik ben erg benieuwd naar uw mening.
Tot ziens.
donderdag 10 mei 2012
Floriade
Ik moest vanmorgen vroeg uit de veren. Op uitnodiging van het college van Burgemeester en Wethouders van Almere ging er vandaag een flinke groep bestuurders, raads- en statenleden en mensen uit het bedrijfsleven naar de Floriade in Venlo. Die uitnodiging had alles te maken met het feit dat Almere de Floriade in 2022 naar de stad wil halen. De tuinbouwraad maakt nog dit jaar bekend of dat gaat lukken. De andere kandidaatsteden zijn Amsterdam en Groningen.
Om werkelijk gekozen te worden, moeten de steden deze zomer ieder een uitgebreid plan presenteren. Het beste plan maakt de meeste kans en dus investeren partijen fors in het opstellen van zo'n plan. In het geval van Almere gaat het om een gezamenlijke inzet van de gemeente en de provincie. Als Almere gekozen wordt, dan zal er straks heel fors geïnvesteerd moeten worden.
Tot ziens.
Om werkelijk gekozen te worden, moeten de steden deze zomer ieder een uitgebreid plan presenteren. Het beste plan maakt de meeste kans en dus investeren partijen fors in het opstellen van zo'n plan. In het geval van Almere gaat het om een gezamenlijke inzet van de gemeente en de provincie. Als Almere gekozen wordt, dan zal er straks heel fors geïnvesteerd moeten worden.
Om te kunnen beoordelen of het allemaal de moeite waard is om al dat gemeenschapsgeld te investeren, heb ik vandaag vooral gekeken wat de meerwaarde van de huidige Floriade is voor Venlo en Limburg. Ik was in eerste instantie wat sceptisch, maar daar is in de loop van vandaag toch wel verandering in gekomen. Ondanks de enorme kosten die in Limburg gemaakt zijn voor de organisatie, ziet het er naar uit dat de organisatie kostendekkend kan worden afgesloten. In dat geval zijn er twee miljoen bezoekers geweest als de poorten van de Floriade in oktober sluiten. 60% van deze bezoekers komt uit het buitenland en besteedt niet alleen een groot bedrag aan de Floriade zelf, maar ook aan verblijf elders in de provincie. Daar komt bij dat een enorme hoeveelheid bedrijven de Floriade gebruikt om buitenlandse klanten te ontvangen, symposia te organiseren etc. Voor de regio rondom Venlo betekende de start van de Floriade dat er in korte tijd enorme investeringen zijn gedaan in infrastructuurprojecten. Deze zouden zonder de komst van de wereldtentoonstelling nooit zo snel gerealiseerd zijn. Mijn Limburgse collega gedeputeerde Mark Verheijen, zei daarover: "Op een gegeven moment leek het wel of alles in Limburg voor april 2012 klaar moest zijn. Iedereen zette zich in om dit gezamenlijk doel te realiseren."
De Floriade 2022 in Almere, ik begin er in te geloven. Dit najaar zullen we weten of het door gaat.Tot ziens.
woensdag 9 mei 2012
Open Planproces Oostvaarderswold
Open planproces, dat was vandaag tijdens de vergadering van Provinciale Staten zo ongeveer de meest besproken term.
Aan de orde waren de verschillende scenario's die het college had uitgewerkt voor de toekomst van het project Oostvaarderswold, nadat de Raad van State op 7 maart dit jaar het oorspronkelijke plan vernietigde. Er lag een voorkeur van het college, maar die werd door een meerderheid van de Staten niet gevolgd. De reden daarvoor is moeilijk precies te achterhalen. Het lijkt erop dat de uitgebreide discussie rondom het project allerlei nieuwe inzichten heeft gegeven met betrekking tot de vraag hoe nu verder. Tijdens die discussie kwamen alternatieven naar voren die tot nu toe nooit goed zijn onderzocht, gewoonweg omdat deze niet pasten in de oorspronkelijke opzet.
Alvorens we tot een keuze komen hoe we verder gaan, dienen alle partijen middels een open planproces in de gelegenheid te worden gesteld om nieuwe ideeën aan te dragen. Het is de bedoeling om via deze weg te komen tot een nieuw plan met een zo groot mogelijk draagvlak. Dat was althans de mening van de meerderheid in de Staten. En zo kan het gebeuren dat we nu, zeven jaar later, een nieuwe start gaan maken voor de natuurontwikkeling in Flevoland.
Alhoewel zich een meerderheid af lijkt te tekenen voor zo'n nieuwe start was mijn eigen partij het niet met die lijn eens. De Partij van de Arbeid is van mening dat gewoon ingezet moet gaan worden op natuurontwikkeling op de gronden die inmiddels zijn aangekocht en dat er alleen grond moet worden verkocht wanneer dat nodig is om binnen het afgesproken budget te blijven. Dit komt overeen met een scenario dat ook door het college was uitgewerkt. Bovendien is mijn partij van mening dat op basis van het coalitieakkoord eigenlijk geen andere oplossing acceptabel is.
U begrijpt het waarschijnlijk al, ik zit met een redelijk fors politiek probleem. Als ik de wens van, wat nu lijkt, een meerderheid van de Staten zonder meer ga uitvoeren, loop ik de kans om de steun van mijn eigen partij te verliezen. Die steun is essentieel voor mijn functioneren.
Woensdag 16 mei gaan Provinciale Staten een definitief besluit nemen over het vervolg van het project Oostvaarderswold. Tot dat moment moeten we alles op alles zetten om deze schijnbaar tegengestelde meningen in een besluit te verenigen. Of dat gaat lukken? De tijd zal het leren. Ik hoop dat beide partijen bereid zijn elkaar wat tegemoet te komen.
Tot ziens,
Aan de orde waren de verschillende scenario's die het college had uitgewerkt voor de toekomst van het project Oostvaarderswold, nadat de Raad van State op 7 maart dit jaar het oorspronkelijke plan vernietigde. Er lag een voorkeur van het college, maar die werd door een meerderheid van de Staten niet gevolgd. De reden daarvoor is moeilijk precies te achterhalen. Het lijkt erop dat de uitgebreide discussie rondom het project allerlei nieuwe inzichten heeft gegeven met betrekking tot de vraag hoe nu verder. Tijdens die discussie kwamen alternatieven naar voren die tot nu toe nooit goed zijn onderzocht, gewoonweg omdat deze niet pasten in de oorspronkelijke opzet.
Alvorens we tot een keuze komen hoe we verder gaan, dienen alle partijen middels een open planproces in de gelegenheid te worden gesteld om nieuwe ideeën aan te dragen. Het is de bedoeling om via deze weg te komen tot een nieuw plan met een zo groot mogelijk draagvlak. Dat was althans de mening van de meerderheid in de Staten. En zo kan het gebeuren dat we nu, zeven jaar later, een nieuwe start gaan maken voor de natuurontwikkeling in Flevoland.
Alhoewel zich een meerderheid af lijkt te tekenen voor zo'n nieuwe start was mijn eigen partij het niet met die lijn eens. De Partij van de Arbeid is van mening dat gewoon ingezet moet gaan worden op natuurontwikkeling op de gronden die inmiddels zijn aangekocht en dat er alleen grond moet worden verkocht wanneer dat nodig is om binnen het afgesproken budget te blijven. Dit komt overeen met een scenario dat ook door het college was uitgewerkt. Bovendien is mijn partij van mening dat op basis van het coalitieakkoord eigenlijk geen andere oplossing acceptabel is.
U begrijpt het waarschijnlijk al, ik zit met een redelijk fors politiek probleem. Als ik de wens van, wat nu lijkt, een meerderheid van de Staten zonder meer ga uitvoeren, loop ik de kans om de steun van mijn eigen partij te verliezen. Die steun is essentieel voor mijn functioneren.
Woensdag 16 mei gaan Provinciale Staten een definitief besluit nemen over het vervolg van het project Oostvaarderswold. Tot dat moment moeten we alles op alles zetten om deze schijnbaar tegengestelde meningen in een besluit te verenigen. Of dat gaat lukken? De tijd zal het leren. Ik hoop dat beide partijen bereid zijn elkaar wat tegemoet te komen.
Tot ziens,
vrijdag 4 mei 2012
Airgunners
Naast Airgunners waren in Dronten ook vertegenwoordigers van verschillende buitenlandse ambassades en vertegenwoordigers van de Nederlandse krijgsmacht aanwezig. Dat alles gaf de herdenking in deze gemeente een internationaal tintje.
Na twee minuten stilte en het zingen van het Wilhelmus kwamen er 4 vliegtuigen in formatie laag over het plein vliegen. Zij volgden na een flight pass van een oude Lancaster, eerder vandaag. De dodenherdenking eindigde met een Airgunnersgala in de Meerpaal. Zoals ik al zei, het was een bijzondere gebeurtenis.
Tot ziens.
donderdag 26 april 2012
Risicoregelreflex
Vanmiddag was ik in theater Het Spant in Bussum voor een symposium met de fraaie benaming 'Risico-regelreflex'. Die naam alleen al was voor mij reden genoeg om de reis naar Bussum te ondernemen. Het geeft immers goed weer waar ik dagelijks mee te maken heb. Tegenwoordig kun je bijna geen beslissing meer nemen zonder een gedegen risicoanalyse. Het aantal ambtenaren dat nodig is om deze analyses te maken, neemt nog steeds toe. Steeds vaker zie ik dat mooie plannen uiteindelijk de eindstreep niet halen vanwege het risico dat het fout kan gaan.
Vanmiddag werd nog eens duidelijk gemaakt dat Nederland het veiligste land ter wereld is. Nederlanders zijn ook nog eens het best verzekerde volkje ter wereld. Risicomanagement zit bij ons blijkbaar in de genen. Bij elk incident dat ons overkomt, treffen wij als een soort reflex maatregelen om herhaling te voorkomen. Zelfs wanneer die maatregelen op zichzelf schadelijker zijn, dan het onheil waardoor ze veroorzaakt werden. Bovendien is daardoor een beeld ontstaan dat de overheid zich werkelijk overal verantwoordelijk voor voelt.
En dat is waar bestuurders in beeld komen. De commissaris van de Koningin in Noord Holland, hield ons voor dat politici op dit vlak de afgelopen jaren veel meer hebben beloofd dan ze waar kunnen maken. Daarmee hebben ze de basis gelegd voor een falende overheid. Maar, zo vervolgde hij, wie bungy-jumpt loopt nu eenmaal meer risico, die moet niet direct naar de overheid kijken.
De vraag is hoe we aan die situatie een einde kunnen maken. Hoe voorkomen we dat elk incident in de toekomst opnieuw aanleiding is voor nieuwe regels? Hoe voorkomen we dat inwoners voor alles wat fout gaat de overheid aansprakelijk houden.
Tot ziens.
Vanmiddag werd nog eens duidelijk gemaakt dat Nederland het veiligste land ter wereld is. Nederlanders zijn ook nog eens het best verzekerde volkje ter wereld. Risicomanagement zit bij ons blijkbaar in de genen. Bij elk incident dat ons overkomt, treffen wij als een soort reflex maatregelen om herhaling te voorkomen. Zelfs wanneer die maatregelen op zichzelf schadelijker zijn, dan het onheil waardoor ze veroorzaakt werden. Bovendien is daardoor een beeld ontstaan dat de overheid zich werkelijk overal verantwoordelijk voor voelt.
En dat is waar bestuurders in beeld komen. De commissaris van de Koningin in Noord Holland, hield ons voor dat politici op dit vlak de afgelopen jaren veel meer hebben beloofd dan ze waar kunnen maken. Daarmee hebben ze de basis gelegd voor een falende overheid. Maar, zo vervolgde hij, wie bungy-jumpt loopt nu eenmaal meer risico, die moet niet direct naar de overheid kijken.
Duidelijk is dat er een rol ligt bij bestuurders om op zoek te gaan naar een nieuwe balans. We moeten af van de ' Risico-regelreflex' en op zoek naar wat ik maar noem een 'Realistische Risicoreductie'. Daarvoor zullen we meer moeten accepteren dat risico's nu eenmaal bestaan. We moeten niet voor elk probleem een oplossing willen zoeken. Daarbij hoort wel dat we helder communiceren over deze risico's en doortastend optreden als het een keer fout gaat. Lessen uit het verleden leren immers dat wanneer communicatie faalt na een calamiteit, de roep om nieuwe regels veel luider is.
Tot ziens.
Labels:
risicobeheersing
Locatie:
Bussum, Nederland
dinsdag 17 april 2012
Breuk
Tot ziens.
zaterdag 14 april 2012
Urk (2)
Op 11 december 2011 deed ik hier verslag van mijn ervaringen tijdens een zaterdagavond tussen de jongeren in het oude dorp op Urk. Die blog was voor veel lezers aanleiding om te reageren. Positieve reacties kwamen van mensen die blij waren dat ik het onderwerp aan de orde stelde. Er waren ook mensen die vonden dat ik een veel te negatief beeld schetste van de jongeren op Urk.
In een uitzending van Urk FM, waarin ook aandacht werd besteed aan mijn weblog, kreeg ik de uitnodiging van het gemeentebestuur van Urk om nog eens op een zaterdag terug te komen om, wat zij noemde, de andere kant van Urk te zien. Vanmiddag was het zover. Ik werd om vier uur ontvangen in het verder verlaten gemeentehuis. In de auto van wethouder Geert Post reden we daarna naar eetcafé Sju Sju in het centrum van het oude dorp voor een ontvangst met koffie en appeltaart. Het was prachtig weer, dus zaten we op het terras. Daar schoven direct een aantal jongeren aan die hadden gehoord wie ik was en die mij wel eens wilden vertellen wat er allemaal niet goed was. De kloof tussen het bestuur en de jongeren is sinds mijn laatste bezoek niet minder geworden, zoveel is me wel duidelijk. Het ging vooral over het horecabeleid van de gemeente.
Maar ik was dit keer gekomen voor de andere kant van Urk, dus gingen we snel door naar een training van Hapkido vereniging Chongmukwam. Hapkido is een jonge Koreaanse zelfverdedigingskunst die op Urk om een of andere reden populair geworden is. Bijna 200 leden en een wachtlijst. Veel jonge leden ook, die hier een nobele sport bedrijven en respect, discipline en zelfvertrouwen bijgebracht krijgen. En inderdaad, dit zijn bepaald niet de jongeren die ik op zaterdagavond op de scooters in het dorp tegenkwam. De mensen van Chongmukwam doen goed werk op Urk en dat zonder een cent subsidie van de gemeente.
Daarna door naar Dartvereniging '208' die aan de Vormtweg, dankzij heel veel hardwerkende leden, een werkelijk prachtig onderkomen heeft gevonden. En ook al zonder subsidie van de gemeente. 17 jongeren brengen de zaterdagmiddag door achter het dartbord. "Jongeren die hier komen worden beter in rekenen op school", zo laat de trotse voorzitter me weten. Zo had ik het nog niet bekeken.
Vervolgens snel door naar de kantine van SV-Urk, de voetbalvereniging met 1100 leden. Het is niet zomaar een voetbalvereniging zo verzekert een van de vrijwilligers mij. SV-Urk is een hele sociale vereniging. De mensen kennen elkaar en helpen elkaar wanneer dat nodig is. In de kantine geldt een strikt alcoholbeleid, onder de 18, dan geen drank zo is hier de regel.
Na een hapje eten bij kwalitaria De Bolder in het oude dorp gaan we weer terug naar de Vormtweg. Nu naar het onderkomen van het Christelijk Mannenkoor 'Het Eiland Urk' die hun wekelijkse oefenavond op zaterdagavond hebben. In de wat kleine zaal zingen meer dan 50 mannen onder begeleiding van orgel en piano christelijke liederen. Dit is toch een beetje wat je verwacht op Urk en, eerlijk is eerlijk, de zangkunsten van de heren waren niet onverdienstelijk. Wat opvalt, is dat het koor niet alleen uit oudere heren bestaat, er staat ook een aantal jongere zangers tussen de groep. Net als op veel andere plaatsen in het dorp praat men hier in het Urker dialect, maar dit keer zo plat, dat ik het voor de eerste keer niet versta.
Mijn bezoek aan Urk eindigde in sporthal de Vlechttuinen. Daar was een disco voor 12 t/m 16 jaar onder de naam 'De Struuners van zodrekt'. Een initiatief van een aantal vrijwilligers om de hele jonge jeugd een beetje te leren hoe ze moeten uitgaan. Dan is de overgang niet zo groot als ze straks de vrijheid krijgen om zelf te gaan stappen. Hier leren ze dat je ook een leuke avond kunt hebben zonder alcohol. Hoe het ook zij, het was bomvol in de sporthal.
Het was leuk om ook deze kant van de gemeente vandaag eens te zien. Opnieuw werd me duidelijk dat de gemeente Urk, waar bijna 50% van de bevolking jonger is dan 25 jaar, mede daardoor een hele bijzondere gemeente is. Het aantal jongeren is twee keer zo groot als in de rest van Nederland. Dat vraagt dus heel veel extra inspanning van de vele organisaties, de vrijwilligers en de gemeente. Allemaal mensen die trots zijn op hun gemeente en die graag een bijdrage leveren. Maar gemeente zijn met de allerlaagste gemiddelde leeftijd van heel Nederland, in combinatie met de sterke invloed van het christelijke geloof, plaatst de gemeenschap ook wel voor ingewikkelde vraagstukken, daarover heb ik de vorige keer geschreven. Mijn zorgen zijn na dit tweede bezoek niet minder geworden.
Als je het aan de jongeren vraagt dan weten ze het wel. De politiek kiest ervoor om horeca in het oude dorp terug te dringen. Jongeren zijn daardoor min of meer gedwongen hun vermaak te organiseren in illegale barretjes buiten het centrum waar dingen gebeuren die je niet wilt en waar geen toezicht is. Dezelfde politiek sluit de ogen voor de gevolgen van dat beleid. Aan die situatie zou een einde moeten komen door een goed aanbod legale horeca toe te staan en de illegale situaties niet langer te gedogen. Ik denk dat ze gelijk hebben. Hier ligt een bijzondere opdracht voor de politiek op Urk.
Het was een bijzondere zaterdag. Ik heb met veel plezier kennis gemaakt met de andere kant van Urk. Met dank aan het gemeentebestuur.
Tot ziens.
In een uitzending van Urk FM, waarin ook aandacht werd besteed aan mijn weblog, kreeg ik de uitnodiging van het gemeentebestuur van Urk om nog eens op een zaterdag terug te komen om, wat zij noemde, de andere kant van Urk te zien. Vanmiddag was het zover. Ik werd om vier uur ontvangen in het verder verlaten gemeentehuis. In de auto van wethouder Geert Post reden we daarna naar eetcafé Sju Sju in het centrum van het oude dorp voor een ontvangst met koffie en appeltaart. Het was prachtig weer, dus zaten we op het terras. Daar schoven direct een aantal jongeren aan die hadden gehoord wie ik was en die mij wel eens wilden vertellen wat er allemaal niet goed was. De kloof tussen het bestuur en de jongeren is sinds mijn laatste bezoek niet minder geworden, zoveel is me wel duidelijk. Het ging vooral over het horecabeleid van de gemeente.
Maar ik was dit keer gekomen voor de andere kant van Urk, dus gingen we snel door naar een training van Hapkido vereniging Chongmukwam. Hapkido is een jonge Koreaanse zelfverdedigingskunst die op Urk om een of andere reden populair geworden is. Bijna 200 leden en een wachtlijst. Veel jonge leden ook, die hier een nobele sport bedrijven en respect, discipline en zelfvertrouwen bijgebracht krijgen. En inderdaad, dit zijn bepaald niet de jongeren die ik op zaterdagavond op de scooters in het dorp tegenkwam. De mensen van Chongmukwam doen goed werk op Urk en dat zonder een cent subsidie van de gemeente.Daarna door naar Dartvereniging '208' die aan de Vormtweg, dankzij heel veel hardwerkende leden, een werkelijk prachtig onderkomen heeft gevonden. En ook al zonder subsidie van de gemeente. 17 jongeren brengen de zaterdagmiddag door achter het dartbord. "Jongeren die hier komen worden beter in rekenen op school", zo laat de trotse voorzitter me weten. Zo had ik het nog niet bekeken.
Vervolgens snel door naar de kantine van SV-Urk, de voetbalvereniging met 1100 leden. Het is niet zomaar een voetbalvereniging zo verzekert een van de vrijwilligers mij. SV-Urk is een hele sociale vereniging. De mensen kennen elkaar en helpen elkaar wanneer dat nodig is. In de kantine geldt een strikt alcoholbeleid, onder de 18, dan geen drank zo is hier de regel.
Na een hapje eten bij kwalitaria De Bolder in het oude dorp gaan we weer terug naar de Vormtweg. Nu naar het onderkomen van het Christelijk Mannenkoor 'Het Eiland Urk' die hun wekelijkse oefenavond op zaterdagavond hebben. In de wat kleine zaal zingen meer dan 50 mannen onder begeleiding van orgel en piano christelijke liederen. Dit is toch een beetje wat je verwacht op Urk en, eerlijk is eerlijk, de zangkunsten van de heren waren niet onverdienstelijk. Wat opvalt, is dat het koor niet alleen uit oudere heren bestaat, er staat ook een aantal jongere zangers tussen de groep. Net als op veel andere plaatsen in het dorp praat men hier in het Urker dialect, maar dit keer zo plat, dat ik het voor de eerste keer niet versta.Mijn bezoek aan Urk eindigde in sporthal de Vlechttuinen. Daar was een disco voor 12 t/m 16 jaar onder de naam 'De Struuners van zodrekt'. Een initiatief van een aantal vrijwilligers om de hele jonge jeugd een beetje te leren hoe ze moeten uitgaan. Dan is de overgang niet zo groot als ze straks de vrijheid krijgen om zelf te gaan stappen. Hier leren ze dat je ook een leuke avond kunt hebben zonder alcohol. Hoe het ook zij, het was bomvol in de sporthal.
Het was leuk om ook deze kant van de gemeente vandaag eens te zien. Opnieuw werd me duidelijk dat de gemeente Urk, waar bijna 50% van de bevolking jonger is dan 25 jaar, mede daardoor een hele bijzondere gemeente is. Het aantal jongeren is twee keer zo groot als in de rest van Nederland. Dat vraagt dus heel veel extra inspanning van de vele organisaties, de vrijwilligers en de gemeente. Allemaal mensen die trots zijn op hun gemeente en die graag een bijdrage leveren. Maar gemeente zijn met de allerlaagste gemiddelde leeftijd van heel Nederland, in combinatie met de sterke invloed van het christelijke geloof, plaatst de gemeenschap ook wel voor ingewikkelde vraagstukken, daarover heb ik de vorige keer geschreven. Mijn zorgen zijn na dit tweede bezoek niet minder geworden.
Als je het aan de jongeren vraagt dan weten ze het wel. De politiek kiest ervoor om horeca in het oude dorp terug te dringen. Jongeren zijn daardoor min of meer gedwongen hun vermaak te organiseren in illegale barretjes buiten het centrum waar dingen gebeuren die je niet wilt en waar geen toezicht is. Dezelfde politiek sluit de ogen voor de gevolgen van dat beleid. Aan die situatie zou een einde moeten komen door een goed aanbod legale horeca toe te staan en de illegale situaties niet langer te gedogen. Ik denk dat ze gelijk hebben. Hier ligt een bijzondere opdracht voor de politiek op Urk.
Het was een bijzondere zaterdag. Ik heb met veel plezier kennis gemaakt met de andere kant van Urk. Met dank aan het gemeentebestuur.
Tot ziens.
Abonneren op:
Posts (Atom)

